Reis Voorjaar 2013: Frankrijk, Spanje, Portugal, Marokko, Spanje, Portugal, Spanje, Frankrijk

 

Dinsdag 29 januari

We zijn weer op pad! Twee dagen later dan gepland. We zouden eigenlijk zondag vertrekken, maar die dag hadden we hard nodig om bij te komen van de dag ervoor. We zijn naar Plopsaland in Coevorden geweest met twee kleinkinderen. Zondagavond moest de camper even achteruit gereden worden om de Panda in de garage te kunnen zetten. Maar de camper deed helemaal niets. Dus met buurman Dirk aan het sleutelen. Maandagochtend "onze" garage in Vaassen maar gebeld. De man was er binnen een uur. Na wat meetwerk was de conclusie al snel getrokken: startmotor overleden, we hadden al een vermoeden, en mee naar Vaassen voor de reparatie. Aan het einde van de middag was hij weer klaar. Dus vandaag, dinsdag, zijn we om half negen vertrokken. In de stromende regen, en dat zal de hele dag zo blijven. We hebben een camperplek geprikt in Montville, een dorpje vlak bij Rouan. Als we aankomen blijkt dat we hier al eerder geweest zijn. We besluiten om op onze manier alvast afscheid te nemen van de winter: met Hollandse erwtensoep en roggebrood met spek uit de supermarkt hier.

    

Woensdag 30 januari

Een lange saaie dag met veel wind en regen. We rijden van Rouan naar Poitiers. De TomTom heeft de opdracht tolwegen te vermijden. Het alternatief is kennelijk een wel erg toeristische route. Over smalle wegen door erg nauwe dorpjes, die we vaak niet eens op de wegenkaart kunnen vinden. Om half zeven zijn op de camperplek in het gehucht Chateau Larcher, onder Poitiers. Een mooi terrein achter een kasteel en bij een voetbalveld. Wel eenzaam, we staan weer eens moederziel alleen.

    

Donderdag 31 januari

Na een erg stille nacht gaan we weer vroeg op pad. We rijden, weer in de regen, naar de kust. Om twee uur zijn we op de camperplek in Mimizan Plage. Hier is het droog en we beginnen met een wandeling door het dorp. Hier en daar wordt er een huis gebouwd of verbouwd en de hoofdstraat ligt er helemaal uit. Verder is het dorp uitgestorven. Tegen de avond maken we nog een wandeling door de duinen (heen) en langs de zee terug. Het voorjaar dient zich hier al aan; de eerste struiken, een soort brem, staan al in bloei. Opvallend is de troep op het strand. Kennelijk de oogst van stormachtige wintermaanden.

    

Vrijdag 1 februari

We verlaten Frankrijk en rijden Spanje in. De westelijke route, via Burgos en Salamanca naar het zuiden. We stoppen halverwege in Palencia en staan er op een speciaal gedeelte voor campers van een parkeerplaats dicht bij het centrum. Tijdens de wandeling blijkt er ook nog een markt te zijn met regionale producten. Helaas is het koud en somber. Terug bij de camper begint het weer te regenen.

   

Zaterdag 2 februari

Na een koude nacht trekken we verder naar het zuiden. We hebben een camping uitgezocht bij een natuurpark zo'n honderd kilometer ten zuiden van Salamanca. Het dorp heet Malpartida De Plasencia en we staan op camping Monfraque. En....daar komen we voor, de hele dag zon. Dus heerlijk geluierd en gewandeld. Oh ja, en de site bijgewerkt. Op een nu steenkoud terras van het restaurant van de camping. Binnen is er een feest aan de gang: compleet met de Spaanse vogeltjesdans....... 

    

Zondag 3 februari

We gaan naar Portugal. Eerst via een geweldige snelweg naar Caseres, daarna naar Badajoz en daar de grens over. De eerste camperplek, in de plaats Redondo, vinden we niet bijzonder. We rijden door naar Monsaraz. Een oeroud dorp boven op een berg. Het dorp zelf is autovrij; op één van de grote parkeerplaatsen voor de stadsmuur mogen campers staan. Met een prachtig uitzicht op de omgeving. Tegen de avond zijn alle bezoekers vertrokken en blijven we met drie campers over.

    

Maandag 4 februari

Op naar de kust, dwars door een heuvelachtig en uitgestorven gebied. We stoppen in Manta Rota: de camperplek ligt er pal aan zee. Een paar jaar geleden nog een gedoog/parkeerplaats. Nu met steeds meer voorzieningen. Een slagboom, parkeerautomaat, watervoorzieningen, dure stroompalen en zelfs wifi. En drie man personeel. Tot het einde van de week kost dat € 4,50 per nacht: vanaf zaterdag wordt dat € 6,00. Het mooie weer is nog steeds gratis. Het heeft veel weg van een camper-camping. Vier lange rijen met in totaal zo'n 100 campers. En iedereen op de stoeltjes voor de camper in zomerse outfit bruin aan het worden. Wij willen niet uit de toon vallen en passen ons natuurlijk aan.

   

Dinsdag 5, woensdag 6 en donderdag 7 februari

Wandelen, fietsen, in de zon zitten en af en toe een terrasje. En zoals ieder jaar weer een lekke fietsband. Kortom weinig bijzonders, we vermaken ons wel. Elke dag een strak blauwe lucht, maar wel een erg frisse wind.

    

Vrijdag 8 februari

Vandaag op de fiets naar Tavira. De accu van de laptop is het aan het begeven en we gaan op zoek naar een nieuwe. We vinden een computerzaak die voor € 130 zo'n ding kan bestellen en zou dan over een week binnen kunnen zijn. Daar willen we niet op wachten. Bovendien kost zo'n accu in Nederland nog geen € 60. Nadeel is wel dat als we de laptop willen gebruiken we stroom nodig hebben, of via een net of via de omvormer. In Tavira maken we nog net een staartje van het kindercarnaval mee (zie foto's). Terug bij de camper hebben we er bijna veertig kilometer op zitten. We hebben onze bejaardengym voor vandaag wel weer gehad.

    

Zaterdag 9 februari

We hebben genoeg van Manta Rota en de omgeving gezien en besluiten verder te trekken naar El Rocio in Spanje. Daar zijn we ook al vaker geweest. De camping is aardig bezet en ook in het dorp is het redelijk druk. En er staat een geweldige camper (zie foto). Morgen, zondag, zullen er wel weer een aantal processies richting de kerk plaats vinden.

    

Zondag 10 februari

Helaas geen processies vandaag: de kerkelijke leiders zijn kennelijk aan het carnavallen. Wel veel paarden in het dorp, in alle soorten en maten. Vooral voor de verhuur. En alle winkeltjes zijn open, met vooral flamenco jurken voor de dames en cowboy kleding voor de heren. Morgen gaan we naar de havenplaats Algeciras. We gaan daar informeren naar de mogelijkheden van de oversteek naar Marokko. De temperaturen liggen daar hoger dan in deze hoek. Vooral de nachten zijn hier koud.

   

Maandag 11 februari

Bij het opstaan is het zwaar bewolkt: niet erg om te rijden dus. Vandaag zo'n driehonderd kilometer door een wat saai landschap. We weten dat we in Algaciras bij de Lidl moeten zijn. Daar kun je overnachten op de parkeerplaats en naast de winkel zit een kantoor waar je de overtocht kunt regelen. Het was nog even zoeken, maar we zijn er gekomen. Voor € 200 krijg je een ticket voor heen en terug en een aantal formulieren mee. Die voor de camper, moet eerst ingevoerd en bij vertrek uit Marokko weer uitgevoerd worden, worden door het kantoor ingevuld. Onze formulieren moeten we zelf invullen. Dat kan onder het genot van een fles wijn en een cake die we er "gratis" bij gekregen hebben.

   

Dinsdag 12 februari

Een vermoeiende dag. We vertrekken om half negen. Een uur voor het vertrek, tien uur, moeten we bij de boot zijn. Na lang wachten vertrekken we uiteindelijk om half elf. Op de boot moet er een stempel met een nummer door een politieagent in de paspoorten gezet worden. En dat nummer is bepalend voor de rest van de procedure. En, net als twee jaar geleden, zijn die nummers slecht te lezen. Waardoor de hele invoerprocedure twee uur in beslag neemt. Om twee uur gaan we rijden naar de kustplaats Moulay Bousselham, honderdvijftig kilometer verder. Daar zijn we twee jaar geleden op onze eertse Marokkoreis, ook begonnen. Het dorp zelf ligt prachtig aan zee en deels aan een diepe zee-inham. Maar het maakt een verlopen indruk: het is er smerig en overal ligt vuilnis, waarin katten, honden kippen, koeien en vogels rondscharrelen.

   

Woensdag 13 en donderdag 14 februari

Het is zwaar bewolkt bij het opstaan: tijd om verder te trekken. We rijden langs de kust naar het zuiden. In de hoofdstad Rabat gaan we op zoek naar de grote supermarkt Marjane: daar zijn we twee jaar geleden prima geholpen bij het kopen van een dongel van Maroc Telecom. Enigszins in verwarring gebracht door verschillende aanwijzingen van onze TomTom en Marokkaanse richtingsborden, zien we veel van Rabat. De stad is groot en druk, maar we komen uiteindelijk waar we moeten zijn. We hebben een camping uitgezocht in Mohammedia: L'Ocean Bleu, pal aan zee. Een keurige camping met redelijk sanitair (voor Marokkaanse begrippen) en behoorlijk bezet. En het allerbelangrijkste: hier schijnt de zon volop en, uit de wind, is het heerlijk. Op donderdag een forse wandeling langs de zee gemaakt. Over een lange strook langs de kust wordt volop gebouwd aan nieuwe appatementencomplexen. Zal er over een paar jaar wel erg anders uitzien hier.

   

Vrijdag 15 februari

We gaan weer verder naar het zuiden.. Via Casablanca, erg druk, en El-Jadida, er luxe, naar de kustplaats Oualidia. Op het voormalige campingterrein is nu een enorme parkeerplaats aangelegd. Bewaakt, er staan enkel campers en het kost ongeveer € 2,50 per nacht. En alles wat er hier uit de zee gehaald wordt, wordt aangeboden door mannetjes op brommertjes. We kijken met verbazing naar de onderhandelingen tussen een Franse buurvrouw en zo'n mannetje. De uiteindelijke deal is een maaltje vis voor een oude trui en een broek. Wij gaan voor een tajine kip, die net als bij ons de pizza's, op een brommer bij de camper afgeleverd wordt. We eten er goed van: kip, groenten en veel aardappelen.

   

Zaterdag 16 februari

Om half tien gaan we weer verder. We volgen de weg langs de kust en gaan eerst naar de grote plaats Safi. We moeten geld pinnen; bij twee banken gisteren lukte dat niet. In Safi vinden we snel de Marjane supermarkt en daar lukt het pinnen wel; we kunnen dus nog even blijven. We hebben een camping in Ounara uitgezocht, twintig kilometer het land in ter hoogte van Essaouira. We raken van de kustweg af en dat willen we niet. We slaan ergens af en komen op een weg waar je niet sneller kunt dan dertig kilometer per uur. En dat over een lengte van 19 kilometer. En dan blijkt de uitgezochte camping ook nog tegen te vallen. Dus gaan we toch naar Essaouira. Een leuke plaats waar in de haven, als we er wandelen, net de vissersbootjes binnen komen. Een drukte van belang. Op de camping komt aan het einde van de middag ook een Nederlandse campergroep binnen. Wel gezellig dus.

    

Zondag 17 februari

Een rustdag. 's Ochtends op de fiets naar de medina geweest en in het cenrtum rondgedwaald. Het is erg druk, alles is geopend: aan niets is te merken dat het zondag is vandaag. Aan het einde van de middag gaan we nog een keer naar de haven, deze keer om vis te kopen. Worden ter plekke op een kistje op de grond schoongemaakt. Het afval is voor de meeuwen; daar zijn er veel van hier en zien er allemaal zeer weldoorvoed uit. En wij hebben uiteindelijk ook goed gegeten.

    

Maandag 18 en dinsdag 19 februari

Een kort ritje van nog geen uur vandaag. We hebben een camping in een klein dorpje onder Essaouira uitgezocht, met de naam Sidi Kaouki. Kennelijk een windhoek, te zien aan allerlei sufreclames. Maar nu niet. Hier en daar een dromedaris die op een toerist wacht en wat voetballende jongens op het strand; dat is het wel zo ongeveer. We staan op een mooie camping met goed sanitair. Als we net zijn geinstalleerd zien we hoe een Duitse buurman zijn eigen gasfles vult met Marokkaans gas. Eén fles wordt in een boom gehangen, de Duitse fles staat er onder: met een slang worden ze gekoppeld. En zo loopt de bovenste leeg en de onderste vol. Ook hier weer mannetjes aan de deur die vooral vis willen verkopen. Wij gaan door de knieen voor een mannetje met koeken die Fatima, zijn vrouw, zelf gebakken heeft. Voor een paar dagen koeken voor weinig. Hoewel, ze zijn wel erg lekker... In de avond begint het te regenen en te waaien, en hard ook. Dat gaat de hele nacht door. Op dinsdagmorgen miezert het nog wat. 's Middags, de zon schijnt dan weer, maken we een flinke wandeling langs het strand. Op een terras drinken we de slechtste koffie van deze reis (tot nu toe). Morgen verlaten we deze leukste camping in Marokko (tot nu toe) en gaan verder richting Agadir.

    

Woensdag 20 februari

Op papier een korte rit van anderhalf uur, waar we vijf uur over doen. We proberen zo dicht mogelijk langs de zee te blijven: soms lukt dat wel en soms ook niet en moeten we terug. Het landschap is fraai, heuvelachtig, stil en af en toe een dorp. En af en toe geiten die in arganiabomen klimmen voor de noten. De camping, Cathredal Point, ligt mooi aan zee in het dorp Imsouane en is redelijk bezet. En ja hoor, dat hebben wij weer, in een hoekje ergens, een moederhond met tien puppies. Tegen de avond zien we de zon in de zee zakken. Een spectaculair gezicht, met name vanwege de hoge golven die tegen de rotskust slaan.

       

Donderdag 21 februari

We verlaten de camping  met de puppies. Niet nadat ze een bak brinta hebben gekregen. Die is binnen de kortste keren leeg. In een dure reisgids wordt in de buurt van Agadir een "Paradise Valley" en een spectaculaire waterval beschreven. Daar willen we heen. Het eerste deel van de route gaat langs de kust. Bij de plaats Taghazoute zien we talloze campers op enorme zandplateaus staan, kennelijk min of meer vrij. Bij de afslag naar de watervallen van Imouzzer is het nog veertig kilometer. En die weg wordt steeds smaller, is af en toe bar slecht en gaat over hoge toppen en door een diepe kloof. En tegenliggers is een probleem: die zijn er en dan is het billen knijpen. In de plaats Imouzzer is een markt langs de doorgaande weg naar de waterval. Dus weer billen knijpen, we krijgen er kramp van. Dan de waterval zelf, natuurlijk met een ongevraagde gids. Na vijftien minuten lopen langs souvenierstalletjes zijn we er. Helaas heeft het weinig geregend de afgelopen tijd en het water wat naar beneden komt lijkt uit een douchekop te komen. Zoals we gekomen zijn moeten we ook weer terug, met alle krampaanvallen van dien. Tien kilometer voor de kustweg komen we op een grote, vrij nieuwe camping terecht, met zoals bijna overal in Marokko, vooral Franse camperaars. Mooi geweest voor vandaag.

       

Vrijdag 22 en zaterdag 23 februari

Twee dagen met veel zon, maar ook veel wind. We staan nog steeds op de camping in het gehucht Aourir, vijf kilometer van de kustweg het binnenland in. Wandelen, fietsen en in de zon zitten. En af en toe zwaaien naar een paar schapen die onder begeleiding achter ons uitgelaten worden. Op zaterdag naar de kust gefietst en daar een hele grote camping bekeken. Helemaal vol met overwinteraars. Heel veel Fransen, een paar Duitsers en Italianen en enkele Nederlanders.

   

Zondag 24 februari

We moeten boodschappen doen en gaan eerst naar Agadir naar de supermarkt. Een bijna westerse winkel, alleen de alcoholafdeling konden we niet meer vinden (was er twee jaar geleden nog wel). We gaan dus geleidelijk aan over op sapjes. We rijden na Agadir nog zeventig kilometer door, slaan af naar de kust naar een camping in het dorp Sidi-Ouassai. De laatste kilometers rijden we door een kaal niemandsland. We zijn dan ook verbaasd dat het erg druk is op de camping in een dorp van niks. De camping ligt overigens fraai aan zee. En we hebben aardige buren: een Engels echtpaar met een leuke hond. En ook zij zijn blij eindelijk eens geen Franse buren te hebben.

    

Maandag 25 en dinsdag 26 februari

Twee dagen waarop we veel wandelen. Zowel links als rechts langs de zee, vanaf de camping gezien, zit je zo in een woestijnlandschap. Met hier en daar een vissershutje verstopt in de rotsen en achter met zand gevulde waterflessen. Verder zand, lege slakkenhuizen en af en toe wat schelpen. Op de maandag veel zon en warm, de dinsdag is bewolkt en de temperatuur ligt zeker tien graden lager. We vinden het heerlijk zo langs de zee, maar het weer wordt minder dus gaan we morgen het binnenland in.

   

Woensdag 27 februari

Een lange, inspannende dag in drie delen. Eerst, na zestig kilometer, bekijken we een gedoogplek aan zee, voor een prachtige toegangspoort naar een haventje (Sidi-bou-Ifedail). Helaas is het haventje een vervallen bende en doet wat luguber aan. Bovendien is her er zwaar bewolkt: voldoende redenen om verder te trekken. Ergens aan de kust stoppen we om te eten en zien we toeristen een pad afdalen naar de zee. Wij dus ook, en komen in een baai, met strand, en een aantal restaurantjes. Plus een in zee uitlopende rots met een groot gat er onder waar je door kunt lopen. Erg idyllisch allemaal. Bij de kustplaats Sidi Ifni zien we een grote camping, verdwalen, rijden een paar keer het dorp rond en trekken tenslotte het binnenland in. Na vijftig kilometer komen we in de buurt van het dorp Abeino op een camping terecht. Met de naam Camping de Vallée, inderdaad in een vallei. Erg stil en verlaten, wel weer zo'n vijtien campers. Veel vogels om ons heen en ergens op een helling weer een nest jonge honden (te groot voor ons).

    

Donderdag 28 februari

We verlaten Abeino: bij het opstaan is het koud en er waait een harde wind door de vallei. We rijden een uur verder naar een camping in een oase, genaamd Ait Bekkou. De camping heet Ford Akabar en ligt achter een hotel: we staan er met vijf campers. Tijdens de wandeling vallen uiteraard de palmbomen op, maar ook de lemen muren rondom de kleine akkertjes. Onbedoeld staan we plotseling voor een oude pleisterplaats voor reizigers, een caravansarai. Nu een museum vol oude voorwerpen van rondtrekkende stammen in de woestijn. Bijzonder zijn de voorwerpen die gemaakt zijn van auto-onderdelen die overgebleven zijn van de vroegere Parijs-Dakar rally's, zoals waterkannen van autobanden en onderzetters voor tajines van velgen. We krijgen een enthousiate rondleiding en drinken iets wat ze hier thee noemen. Bij terugkomst is de lucht strak blauw en we brengen de rest van de dag in gepaste rust door.

      

Vrijdag 1 maart

Vanochtend op de fiets boodschappen wezen doen in de vrij grote stad Guelmim. We zijn vroeg en het is erg frisjes in de korte broek en zonder handschoenen. We hebben de hele vijftien kilometer de wind tegen. De stad is volgens ons echt Marokkaans. Allemaal kleine winkeltjes en zaakjes, druk, rommelig en wat smoezelig. En er is markt. Volgens ons zijn we de enige toeristen en worden regelmatig nagekeken, en, vooral in het Frans, goedendag gezegd. Een man met een pet op wijst ons een plek waar we de fietsen kunnen stallen, bijna midden op de markt. We kopen een brood (20 cent), aardbeien (60 cent), aardappelen (20 cent), en bonen (30 cent). En een dure usb verlengkabel van vijf meter (4 euro). Afgekeken bij de buren: de dongel van Maroc Telecom boven op een lange stok geeft een veel betere internetverbinding. Vandaar de verlengkabel: en het werkt! De terugweg ging snel: wind in de rug en lekker warm. Aan het einde van de middag moeten we de camper in: er lijkt een heuse zandstorm op te steken. Het zand-poeder dringt overal doorheen: alles is rood-geel van het stof.

         

Zaterdag 2 maart

We verlaten de oase en willen naar de plaats Tafraout. Na twintig kilometer lopen we vast in een dorp. De route blijkt niet geschikt voor campers. We moeten een flink eind terug cq omrijden. Bij de plaats Tiznit moeten we kiezen: nog honderdvijfentwintig kilometer naar Tafraout of twintig kilometer naat de kust, naar Aglou Plage. We kiezen voor de kust en komen op een camping waar we twee jaar geleden ook hebben gestaan. Tegen vijf uur komen twee Nederlanders een praatje maken: het blijken de eersten te zijn van een Vagebondgroep, onder leiding van John en Joke. Met deze reisleiders hebben wij ook twee reizen gemaakt. 's Avonds erg gezellig bijgekletst.

       

Zondag 3 maart

We gaan nu echt naar Tafraout, een eind het binnenland in. De weg er naar toe wordt steeds mooier: een bergrit met een heuse col. In Tafraout kunnen we kiezen uit drie campings en een enorm terrein waar je "vrij" kunt staan, aan het begin van de plaats. We kiezen voor het laatste; er staan zeker zestig campers. Kost € 1,00 en dat wordt 's avonds opgehaald. Het dorp zelf is gezellig druk. Veel schoenmakers en blikslagers en vandaag zelfs een jeux de boules festijn. Oh ja, Wim is naar de kapper geweest: een half uur voor vier euro. En netjes!

       

Maandag 4 maart

De weersvoorspellingen waren niet best voor vandaag. En die zijn helemaal uitgekomen. De afgelopen nacht begon het al. Enorme windvlagen en hoosbuien.En met af en toe een pauze gaat dat de hele dag zo door. We proberen nog te wandelen, worden overvallen door een bui en komen zeiknat terug bij de camper. Daar waar het tot gisteren kurkdroog was, staat en stroomt er nu overal water om ons heen. Als troost 's avonds maar uit eten gegaan.

     

Dinsdag 5 maart

Tafraout is prachtig, maar dan moet het wel droog zijn. En dat is het vanochtend nog steeds niet. We reizen dus weer verder en gaan naar de plaats Taliouine. Een route door het Anti Atlas gebergte. Een eenzaam gebied met afwisselende bergen. Jammer dat het de hele dag miezert, waardoor de kleuren en vergezichten minder mooi zijn. De ruim tweehonderd kilometer lange weg is goed, redelijk en soms bar slecht. Opvallend zijn de enorme hoeveelheden water die van de hellingen naar beneden komen. De camping in Taliouine is druk bezet. We pikken het laatste plekje met een mooi uitzicht in. 

    

Woensdag 6 maart

Na de regen van de afgelopen dagen, en nacht, motregent het nu bij het opstaan. En er hangst een dichte nevel. We pakken snel in en vertrekken, verder het Atlas gebergte in, op weg naar de plaats Ait-Benhaddou. Na een uur rijden zien we in de verte het einde van de bewolking: een scherpe afscheiding tussen donkergrijs en felblauw. Ergens onderweg in een dorp, Tazenakht, stoppen we en lopen een rondje. De plaats is bekend om zijn tapijten. Maar na de regen van de afgelopen dagen is het er ronduit smerig, vooral vanwege het ontbreken van bestrating. Even voor de eindbestemming belanden we nog op een grote markt, waar we voor weinig groente en mandarijnen inslaan. In Ait-Benhaddou staan we nu op een kleine camping: twee jaar geleden stonden we hier op een grote parkeerplaats. Deze plaats is vooral bekend vanwege de goed onderhouden kasbah (een vestingachtige leemburcht), waar we uiteraard weer naar toe wandelen.

   

Donderdag 7 maart

Via internet komen we achter het adres van een mooie camping, zestig kilometer verder, vlakbij Ouarzazate. De naam is La Palmeraie en ligt inderdaad in een palmenoase. In de middag wordt het dik dertig graden: om ons heen de besneeuwde bergtoppen van het Atlasgebergte. We fietsen naar een meer waar bijzondere vogels moeten zitten: helaas geen vogel te bekennen. Bovendien staat het water erg laag. Onbegrijpelijk na al het water van de afgelopen dagen. Tot slot nog even naar Ouarzazate gefietst. Een gezellige plaats met een paar leuke terrasjes.

      

Vrijdag 8 maart

We gaan weer wat verder naar het noorden. Begin volgende week willen we weer in Zuid Europa zijn. Eerst naar een camping bij Marrakech. We moeten ruim tweehonderd via een prachtige route met een heuse bergpas. Met enorme vergezichten en overal mannetjes die holle, doorgezaagde stenen verkopen met de meest onwaarschijnlijke kleuren. Verder komen we heel veel motorrijders en Duitse old-timers tegen: beiden bezig met een soort toertocht. De camping waar we terecht komen, Le Relais de Marrakech, ligt tegen de stad aan. Een enorm terrein met een mooi zwembad. De camping kost €11, het zwembad €8: ze weten van prijzen bij een grote stad. De duurste camping hier in Marokko tot nu toe.

    

Zaterdag 9 maart

Weer tweehonderd kilometer naar het noorden gereden, van marrakech naar Ouzoud. Op de laatste kilometers na een vlakke, wat saaie route. In Ouzoud komen we terecht op camping Zebra, gerund door een Nederlands stel. Een mooi terrein met perfect sanitair. In de middag naar de beroemde watervallen gewandeld. Echte watervallen deze keer: een spectaculair gezicht. Veel toeristische toestanden er om heen, overigens zonder opdringerig gedoe. Kortom een leuke omgeving. 's Avonds erg gezellig, en lekker, in het restaurant zitten eten. Met de eigenaren en wat personeel aan één grote tafel. Een recept voor kip-tajine hebben we meegekregen. Dat gaan we eenmaal terug in Nederland uitproberen.

    

Zondag 10 maart

We moeten kilometers maken: vandaag driehonderd. En dat valt niet mee. Op de eerste veertig kilometer door de bergen na, met een spannend bruggetje, is het een saaie route. Op de kaart een "rode" weg, maar bar slecht en druk. We hebben de zestig kilometer per uur niet gehaald. Op de stukken waar het wat harder kon, zaten we binnen de kortste keren achter Marokkaanse zondagrijders. Onderweg moeten we een keer onder de camper omdat we een raar geluid horen. Blijkt er een enorm stuk plastic vast gedraaid te zitten. Een hoop gepruts. We staan op een erg pompeus vakantiecentrum inclusief camping bij de plaats Azrou. En hoe mooi ook, het is hier koud, acht graden, en nat. En op een paar campers na uitgestorven.

   

Maandag 11 maart

Vandaag de één na laatste etappe in Marokko. Bij het opstaan hangt er een dikke mist en het regent. Een troosteloze boel. Gelukkig wordt het weer wat beter na een aantal kilometers. We passeren Volubilis, de resten van een Romeinse stad, die we twee jaar geleden bezocht hebben. In een dorp onderweg is een grote markt. En omdat we nog een tajine in bestelling hebben, stoppen we en gaan op zoek. Binnen de kortste keren staan we tot de enkels in de blubber. En wij niet alleen: het schijnt dat het niemand iets kan schelen. En het ergste is nog, er is van alles te koop, behalve tajines. De rit gaat verder het Rif gebergte in. Een mooie tocht door een erg groen gebied. En veel sporen van de forse regenval van de afgelopen dagen. We zitten nu in het noorden van Marokko, in de plaats Chefchaouen. De camping is eenvoudig, maar stroomt in de loop van de avond helemaal vol. Voor ons en veel anderen de laatste stop in Marokko. Van hier naar de haven voor de overtocht is nog maar honderd kilometer.

    

Dinsdag 12 maart

We hadden nog een dag willen blijven in Chefchaouen. Maar de weersvoorspellingen geven veel regen aan. Dus we besluiten om terug naar Europa te gaan. Die weersvoorspellingen zijn inderdaad uitgekomen. We hebben zo'n vierentwintig uur achter elkaar alleen maar regen gehad. De hele nacht, naar de boot, op de boot en van de boot tot ver voorbij Algeciras. De overtocht gaat weer gepaard met het gebruikelijke gedoe van dubbele controles etc. Het meest vervelend is nog dat de boot twee uur te laat in de haven aan komt en dus ook twee uur telaat vertrekt. Pas om vier uur in de middag kunnen we weer rijden en gaan naar El Rocio in Spanje, waar we pas om acht uur in het donker aankomen. We staan op een parkeerplaats bij het grote plein in het dorp, samen met nog zes andere campers. En het is hier droog, maar aan de ondergelopen akkers en de enorme plassen overal, is ook hier veel water gevallen.

    

Woensdag 13 en donderdag 14 maart

We beginnen de dag met een pittige wandeling. De lucht is strak blauw, er is geen wolkje te bekennen. Nog bij de camper staan we plotseling oog in oog met een hangbuikzwijn. Geen idee van wie die is of waar die vandaan komt, maar heeft een slecht humeur. Na de wandeling en de koffie gaan we naar de camping aan het begin van het dorp. En zijn de rest van de dag druk met de grote schoonmaak. Natte spullen gedroogd, schoenen schoongemaakt, gewassen, camper van binnen schoongemaakt, baard bij geknipt, kortom druk, druk, druk. Op donderdag nemen we een rustdag. 's Ochtends op de fiets naar het dorp Almonte geweest.  Een leuk, echt Spaans dorp met uiteraard een mooie kerk. Met net een mis ter ere van de nieuwe paus. De rest van de dag geluierd.

    

Vrijdag 15 maart

We verlaten Spanje en gaan naar Portugal. Ondanks de wat mindere weersvoorspellingen is het ook nu weer een stralende dag. We willen eigenlijk naar Silves, maar stoppen vlak over de grens op de camperplaats van Manta Rota. Het rijden hier is een verademing in vergelijking met Marokko: geen knipgaten die je voortdurend moet ontwijken of afgebrokkelde zijkanten waardoor het passeren van tegenliggers een hoop gedoe oplevert. Om half één is de camper geinstalleerd, vijf minuten later zitten we in de zon.

    

Zaterdag 16 maart

Weer een drukke dag. We verlaten Manta Rota en willen naar Silves. Zoals wel vaker loopt het wat anders. Na een laatste wandeling langs de zee van Manta Rota gaan we eerst onderweg de camper van buiten wassen. Spuiten en boenen, het stof van Marokko is er moeilijk af te krijgen. Vervolgens door naar Tavira, naar het overdekte winkelcentrum. Wobbie wil naar haar "eigen" Portugese kapper. Daar ook maar koffie gedronken en wat gegeten. Daarna naar Quelfes (bij Olhao) gereden en daar een gasfles laten vullen. Omdat de koelkast bijna leeg is moeten er nog boodschappen gedaan worden. We komen terecht bij de Lidl in Quarteira. En daarna, het is al dik in de middag, hebben we geen zin meer om nog veel verder te rijden en gaan op zoek naar de nieuwe camperplaats in Albufeira. Van een VVV kantoor, waar we toevallig langs komen, krijgen we een plattegrond mee met de route. Het is een groot, nog wat kaal terrein bij een groot sportcomplex. Met alle voorzieningen zoals douches en wifi. Kosten: zeven euro, alles inbegrepen. Bij een wat langer verblijf wordt het nog wat minder per dag. Naar het centrum zou het tien minuten lopen zijn. Gaan we morgen uitproberen, als het tenminste wat meevalt met de voorspelde regen.

    

Zondag 17 en maandag 18 maart

Een sombere dag. In de ochtend is het nog droog en we gaan wandelen. Eerst naar de zondagmarkt, die helaas niets voorstelt. Daarna langs de prachtige rotskust naar Ouro geklauterd. We zitten net op een terras in Ouro en het begint hard te regenen. En dat duurt tot in de middag. Dus maar met de bus terug naar de camper. Op maandag schijnt de zon weer volop en gaan we 's ochtends Albufeira in. 's Middags lekker in de zon gezeten.

   

Dinsdag 19 maart

We gaan de achtste week in van deze reis. De dag begint met regen en omweer: tijd om Albufeira te verlaten. We gaan nu echt naar Silves en verbazen ons over het grote aantal campers die hier nog (vrij) staan. Opvallend is ook het grote aantal Nederlanders hier: zoveel hebben wij er op deze reis nog niet bij elkaar gezien. En ooievaars, overal nesten in het dorp. En we zitten pal onder de aanvliegroute  tussen de nesten en de voedselvelden. Prachtig om te zien. In de middag gaan we kip-piri-piri eten in een beroemd restaurant hier. Veel, erg lekker en voor weinig. Wat het weer betreft is het op een enkele bui na droog, af en toe een bleek zonnetje en een harde wind.

   

Woensdag 20 maart

We trekken verder naar het westen en gaan eerst naar Alvor. Daar waren ze vorig jaar bezig met een nieuwe camperplek. Die plek is nu klaar, echter de ondergrond is zand en vanwege de regen van de afgelopen dagen, nu blubber. Dus gaan we naar Portimao, naar de grote parkeerplaats voor campers. Niet de mooiste plek in de Algarve, maar in elk geval geen blubber. Veel zon, maar ook een frisse wind vandaag.

    

Donderdag 21 en vrijdag 22 maart

De weersvoorspellingen houden niet over; de kans op regen is de komende dagen groot. Vandaag is het nog droog en we vertrekken naar Boca do Rio, wat wij noemen de verlaten vallei. Er staan nog zo'n twintig andere campers, in alle soorten en maten. Uit de wind is het nog goed uit te houden hier. En dat geldt ook voor de vrijdag, prachtig weer om te wandelen. Bijzonder is ook het grote aantal bloeiende bloemen. Het is echt voorjaar hier.

    

Zaterdag 23 en zondag 24 maart

Heel veel regen de afgelopen nacht, en ook bij het opstaan is het kleddernat. Het lijkt of de vallei van Boca do Rio langszaam volloopt. Tijd om weer te vertrekken. We doen wat boodschappen onderweg en gaan vervolgens naar de camperplek in Lagos. Maar ook daar regent het en is het één en al blubber. We trekken weer verder richting Albufeira. Daar in de buurt, bij Praia de Galjé, weten we een mooie, waterbestendige camperplek. Daar aangekomen houdt het gelukkig op met regenen en maken we nog een mooie wandeling naar de zee. Terug bij de camper worden we verrast door een Nederlandse buurman die, met gitaar, onze lieve heer staat toe te zingen. Hij maakt van zijn geloof geen geheim: en van wat wij een gezellige babbel vinden, is er dan ook niet bij.

    

Maandag 25 en dinsdag 26 maart

Vandaag weer verder naar de oostkant van de Algarve. Even voorbij Faro gaan we een paar kilometer het binnenland in. We staan nu in Moncarapacho op de wat bijzondere camping met nogal wat bijzondere dieren. En, nu in een hoek bij elkaar, oude voertuigen van "Circus Dallas". Verder van alle gemakken voorzien: stroom, douches, wifi etc. Over het weer zullen we het maar niet hebben, tussen de buien door is het droog. Op dinsdag is het droog tot een uur of zes 's avonds. Daarvoor hebben we ver gefietst en gewandeld. Vooral tussen sinasappelboomgaarden door. Er hangen nog sinasappels in de bomen en er liggen er nog veel meer onder. Bovendien staan alle bomen alweer volop in bloei en dat ruikt heerlijk.

    

Woensdag 27 en donderdag 28 maart

Het einde van deze reis komt steeds dichterbij. Rond half april willen we weer thuis zijn. Hier in de Algarve zijn er nog een paar plaatsen waar we per sé naar toe willen. Eén er van is Pedras del Rei, de parkeerplaats bij het bungalowpark. Het is er behoorlijk druk, waarschijnlijk vanwege het komende paasweekend. Vanmiddag, uit de wind, eindelijk weer in de zon gezeten. En dat kan ook op de donderdag. Wandelen (ver) en uitrusten in de zon. En 's avonds moe naar bed: spannender kunnen we het niet maken.

   

Vrijdag 29, zaterdag 30 en zondag 31 maart

Het is goede vrijdag vandaag: helaas wat het weer betreft een slechte vrijdag. Zwaar bewolkt en het miezert bijna de hele dag. Geen weer om langer in Pedras del Rei te blijven. We zoeken de camping op in Tavira, waar we nog niet eerder geweest zijn. Een enorm terrein met nu veel modder en hier en daar een kiezelstrook. Gelukkig is één van die plekkenvrij en we zijn snel geinstalleerd. Op zaterdagmorgen zitten we weer in de zon, de zondag is weer zwaar bewolkt. Enorme verschillen per dag hier wat het weer betreft.

    

Maandag 1, dinsdag 2 en woensdag 3 april

De weersvoorspellingen geven twee dagen zon aan. Dus gaan we nog maar een keer naar de zee: voor de derde keer naar Manta Rota. Er staan nog steeds veel campers, zeker ook omdat de camperplekken hier in de buurt nu veelal modderterreinen zijn geworden. En daar heb je in Manta Rota geen last van. Drie dagen wandelen, fietsen en luieren in de zon. Morgen verlaten we de kust en gaan een stukje landinwaarts naar Mina de Sao Domingo. 

   

Donderdag 4 t/m zondag 7 april

We zitten in Mina de Sao Domingos en staan op één van de mooiste camperplekken die we kennen. Aan de rand van het dorp ligt een meertje met een prachtig aangelegde picknickplaats. En ondanks de borden verboden te parkeren voor campers en caravans, staan er tien campers en geen haan die daar naar kraait. Het dorp zelf is of was beroemd vanwege een enorme kopermijn die tot 1960 in bedrijf is geweest. Het complex van de mijn is erg groot en vervallen, maar leuk om er te wandelen. En er is een museum, waar we een film bekijken over de historie van de mijn. Helaas in het Portugees. De beelden zijn mooi, voor de rest krijgen we er weinig van mee. We komen Nederlanders tegen die we vier jaar geleden ontmoet hebben in de Algarve. En Piet, een Fries van 77 jaar, die alleen op pad is in een oude bus. Erg gezellig allemaal.

   

Maandag 8 april

De terugreis begint nu echt en we gaan op weg naar Spanje. We kopen de laatste Portugese pastei de nata voor bij de koffie en rijden het eerste stuk door een mooi heuvelachtig en groen landschap. Met overal ooievaars. We hebben een camperplek uitgezocht in de plaats Caseres, aan de autobaan A66 van Sevilla naar het noorden. Een hoop gedoe om er te komen en als we er eindelijk zijn, blijkt alles vol. We gaan naar een dorp wat verder, Canaveral. Maar hoe we ook zoeken, de camperplek daar kunnen we niet vinden. Het is inmiddels half vijf en we hebben genoeg van het rijden en zoeken een camping op in Caseres. Het aardige van deze camping is dat elke plek zijn eigen douche/toiletgebouwtje heeft. En we hebben wifi tot in de camper. 

 

Dinsdag 9 en woensdag 10 april

Ideaal zo'n eigen toiletgebouwtje met een douche. Helaas was er maar voor één persoon warm water: Wobbie had pech... Een slecht begin van week elf van deze reis. Snel verder dus naar het noorden over een prachtige snelweg. Het landschap is heuvelachtig en kaal, niet de mooiste route door Spanje. En het weer werkt ook niet mee: zwaar bewolkt en het miezert voortdurend. We zijn op tijd in Palencia op de parkeerplaats speciaal voor campers. Er is nog net één officiele plek vrij voor ons. In de middag zijn bijna alle winkels nog gesloten, behalve de supermarkten en H en M (!). Uiteraard komen we niet met lege handen thuis. Op woensdag stomen we door naar Frankrijk. Bij de grens in Irun gaan we even winkelen. We lopen van de ene slijterij naar de andere. De sterke drank wordt per doos verkocht hier; wij slaan deze keer maar over. Aan de kust boven Biarritz zien we steeds vaker de zon. Na wat zoeken komen we terecht op een mooie camperplek in Vieux Boucau. Bovendien is het heerlijk weer en in het dorp zijn een aantal winkels en terrassen open. Gezellig, en het is elke keer weer een beetje thuiskomen in deze streek.

  

Donderdag 11 april

Gisteravond laat hebben we bericht gekregen van het overlijden van een oud buurman van Wobbie. Zaterdag vindt de crematie plaats en daar willen we bij zijn. We moeten dus doorstomen. En voor het weer hoeven we ook niet langer te blijven. De motregen bij het vertrek wordt echte regen gedurende de hele dag en avond. We stoppen in de plaats Beaugency aan de Loire, even onder Orleans. Als het droog is en de zon schijnt zal dit een mooie camperplek zijn, nu is het somber, kletsnat en één en al blubber. We gaan maar vroeg naar bed.

       

Vrijdag 12 april

Vandaag de laatste, lange etappe. Via Parijs, Lille, Antwerpen en Eindhoven, inclusief twee lange files. Erg saai, tenzij je de tijd kunt doden met een hobby. Om half zeven zijn we in Oosterbeek, waar we bij onze dochter zijn uitgenodigd   voor echte lasagne. En om half negen zijn  we weer in Apeldoorn. We hebben er weer een mooie reis op zitten, en zijn op veel mooie nieuwe, maar ook oude plekken en plaatsen geweest. We hopen dat door middel van dit verslag de "achterban" ons op deze reis heeft kunnen volgen. En we willen iedereen die gereageerd heeft, op welke wijze dan ook bedanken voor de reakties.