Marokko en Algarve voorjaar

2011

        

Maandag 31 januari

Om half acht ’s ochtends vertrekken we. Eerst naar Dordrecht, daar moet onze “nieuwe” camper nog gekeurd worden voor de verzekering. Onze vorige camper hebben we oudejaarsdag verkocht. Sinds anderhalve week dus de andere. Een hoop gedoe om alles op tijd geregeld te krijgen voor deze reis. Maar we zijn op weg! Op weg naar Marokko met Vagebondreizen! Vandaag gereden tot vlakbij Amiens in Noord Frankrijk. We staan op een officiële camperplaats tussen allemaal caravans en busjes: morgen is er hier markt! Het is erg koud, zo’n vier graden onder nul en zwaar bewolkt.

Dinsdag 1 februari

We hebben heerlijk geslapen in deze camper. Erg ruim, comfortabel en lekker warm. We trekken verder naar het zuiden. Via de TomTom dwars door Parijs, langs de Arc de Triomf. Weinig problemen onderweg. Wel koud en dat valt tegen, de hele dag blijft het 3 tot 4 graden onder nul. We overnachten in Oradur sur Glane, vlak bij Limoges. We zijn het al eens eerder geweest. Het oude dorp is één groot oorlogsmonument. Alle bewoners zijn in de tweede wereldoorlog  de kerk in gedreven en alles is verbrand cq doodgeschoten. Het dorp hebben ze zo gelaten in is dus nu te bezoeken. Erg indrukwekkend. Morgen verder naar Les Landes.

   

Woensdag 2 februari

Vanochtend bij het opstaan regende  het een beetje, waardoor het behoorlijk glad was. Gelukkig waren we vlug op een grote weg en hield het op met regenen. In de loop van de dag zagen we de temperatuur oplopen van  -5 tot +8. Om half vier waren we in Mimizan, aan de kust van Les Landes. Hier is een grote camperplek, met alles er op en aan. Er staan zo’n tien campers. Het dorp zelf is bijna uitgestorven. Een enkele winkel is open en hier en daar wordt wat geklust. Twee jaar geleden lagen we hier heerlijk in de zon, maar toe was het al half maart. Morgen gaan we door naar Spanje.

   

Donderdag 3 februari

Vandaag Spanje binnen gereden. We hebben een camping uitgezocht bij Burgos. Het dorp heet Castrojeretz en ligt aan de Sint Jacobsroute, de beroemde wandelroute naar Santiago de Compostella. Het weer wordt steeds mooier, we komen aan onder een strak blauwe hemel. Helaas is de camping nog gesloten. Zoals trouwens het hele dorp gesloten lijkt. Er is geen wandelaar en bijna geen bewoner te bekennen. De camping ligt aan een doodlopende weg. We hebben geen zin om verder te rijden en parkeren pal voor de toegangspoort. En binnen de kortste keren wel tien katten om de camper. Van mensen zullen we geen last hebben vannacht, hopelijk ook niet van de katten…

  

Vrijdag 4 februari

Het was een rustige, maar erg koude nacht, vier graden onder nul. En de wereld zit potdicht van de mist. En dat duurt honderdvijftig kilometer lang. Daarna krijgen we een temperatuurshock, van -4 tot +18 bij aankomst in Portugal. We zitten nu in een natuurgebied in het midden van Portugal (Idanha-á Nova). We zijn hier al twee keer eerder geweest. Lekker lang onder hete douches, heerlijk in de zon en een eind gewandeld.

 

Zaterdag 5 februari

Vandaag maar een klein stukje gereden. We staan nu op een camping bij Evora, een historische vestingstad. Het was weer een mooie dag, vanmiddag in de zon 28 graden! De mimosa staat bijna in bloei en de sinaasappels zitten volop aan de bomen. We hebben eindelijk internet op deze camping en dankzij een speciale antenne (verjaardagskado) kunnen we in de camper internetten. Dus kunnen we deze site bijwerken. Morgen nog circa 200 kilometer en dan zitten we in de Algarve. 

    

Zondag 6 en maandag 7 februari

We zijn aangekomen in de Algarve en staan op een camping in Cabanas, tussen Monte Gordo en Tavira. Het is prachtig weer: in de zon boven de 20 graden, in de korte broek. Maar op de fiets moeten we een vest aan vanwege de wind. Gezellig naar het dorp geweest. Vorig jaar lag alles overhoop vanwege nieuwe bestrating. Dat is dus klaar en ziet er prachtig uit. Natuurlijk koffie gedronken op een terras. Het is ontzettend druk hier. Alles staat vol met campers. Zo druk hebben we het hier nog niet meegemaakt. Bijna allemaal overwinteraars, vooral Engelsen, Duitsers en Nederlanders. We blijven nog een dag om lekker in de zon te fietsen en in de middag een wijntje op een terras. Morgen weer Spanje in, naar een natuurgebied wat erg mooi moet zijn.

  

Dinsdag 8 februari

We zitten weer in Spanje richting Tarifa, waar we eind van de week moeten zijn voor de start van de reis naar Marokko. Het dorp heet El Rocio en ligt in een natuurgebied met de naam Donana. Een wonderlijk dorp, groot, uitgestrekt en bijna geen mens te bekennen. Kennelijk bijna allemaal vakantiewoningen. En wat het bijzonder maakt zijn de lange, brede straten waar enkel zand ligt. En de huizen hebben allemaal over de hele breedte een veranda. Het ziet er uit als in een westernfilm, zeker als je er af en toe een ruiter op een paard tegen komt. Morgen maar aan de wandel in het natuurgebied.

    

Woensdag 9 februari

Het was weer een heerlijke dag, de zon scheen volop. Vanmorgen een eind gewandeld en flamino's gekeken bij het meer. Het is echt een paardenstad hier, een van de redenen dat er hier geen asfalt ligt. Elk weekend schijnt er een paardenspektakel te zijn en komen er paardenliefhebbers van overal. Verder in de zon gezeten en gefietst. Morgen naar Tarifa.

  

Donderdag 10 februari

We zitten nu op de meest zuidelijke punt van Spanje, in Tarifa. Een paradijs voor surfers, er is hier altijd veel wind. Op deze camping, Rio Jara, komen alle deelnemers aan de Marokko reis bij elkaar. Morgenmiddag om vier uur moet iedereen er zijn voor de eerste bijeenkomst. Uit de wind in de zon is het heerlijk. De middag was snel voorbij, met iedereen even kletsen en nog boodschappen gedaan. Natuurlijk bij de Lidl. Geen idee hoe het straks gaat in Marokko, maar we komen niet om van de honger.

 

Vrijdag 11 februari

’s Ochtends naar Tarifa gewandeld. Bijna vier uur op pad geweest; het was erg warm tijdens het lopen. Daarna geluierd in de zon. Om vier uur de eerste bijeenkomst met de reisgroep. Veel informatie, hapjes en drankjes te over; erg gezellig. Morgenvroeg om kwart voor acht vertrekken we naar de haven van Algeciras voor de overtocht naar Marokko. Dus op tijd naar bed.

Zaterdag 12 februari

In een lange stoet vanochtend naar de boot, zo’n 20 kilometer rijden. Vier campers konden niet meer mee en moesten op een andere boot. Een hoop gedoe vanwege allerlei formaliteiten. Op de boot zelf moest iedereen een stempel in het paspoort halen met een nummer, en dat werd ook in een computer gezet. Helaas was de inkt bijna op en het nummer vrijwel onleesbaar. Met grote gevolgen. Na drie kwartier waren in de haven in de buurt van Tanger. Daar moesten de voertuigen “ingevoerd” worden, met als basis het onduidelijke  nummer in het paspoort. Kortom, een hoop langdradig gedoe. Formulieren invullen, inleveren, controleren, nummers aanpassen, formulieren zoek etc. etc. Natuurlijk is alles goed gekomen en zo’n 165 kilometers via een geweldige tolweg naar de afgesproken camping in de plaats Moulay-Bousselham gereden. De camping  is groot, ruim en ligt fraai aan zee. De toiletgebouwen zijn voorzien van, zoals onze reisleider het noemt, “Marokkaans sanitair”. En dat is anders dan thuis. Het dorp zelf heeft een soort winkelcentrum met veel nauwe straatjes waar van alles verkocht wordt. Groente, fruit, vis en veel andere zaken met een hoog kringloopgehalte.

  

Zondag 13 februari

Vanochtend met een aantal vissersbootjes een natuurgebied in geweest. Met een aardige Marokkaanse stuurman inclusief Nederlands vogelboek. Veel vogels gezien, de meeste op grote afstand. Ook flamingo’s met de verrekijker bekeken. Vanmiddag wat gewandeld en gerommeld. Het weer was bewolkt vandaag , het was fris en aan het eind van de middag zelfs een bui regen gehad. Nog even bij de receptie met de beheerder staan kletsen over de prijzen van de camping. Voor dit jaar, all-in 70 dirham per dag. En één dirham is 10 eurocent…Vanavond gaan we met de groep naar een visrestaurant. Morgen weer zo’n 175 kilometer verder. Hopelijk kunnen we dan ergens een Marokkaanse dongel kopen, waarmee we vier weken kunnen internetten.

  

Maandag 14 februari

Vanochtend vroeg vertrokken. Er waren twee mogelijkheden, via de snelle maar saaie tolweg, of "binnendoor". We kiezen voor de laatste. En dat viel niet mee. We hebben het idee dat we het echte oude Marokko gezien hebben. Een vreselijk slechte weg, door allerlei gehuchten waar iedereen opkijkt als we voorbij komen en de kinderen meelopen en zwaaien. Overal groepjes mannen die ergens staan, te wachten op iets of even niets te doen hebben. De dames op het gezicht na geheel bedekt. Overal kippen, schapen, ezels, koeien en honden. Na anderhalf uur en 20 kilometer verder besloten de TomTom op de snelle weg naar een winkelcentrum in Rabat te zetten. Rabat is een schone, westers aandoende stad. Daar ook bijna geen dames met een hoofddoek. We belanden in een mooie supermarkt met alle mogelijke producten, met vooral Franse teksten over de inhoud. En dat maakt het winkelen een stuk makkelijker. En we konden er een dongel kopen. Daarna binnendoor naar de camping in het dorp Mohammedia, even voor Casablanca. Opnieuw een camping met Marokkaans sanitair en kleine nauwe plaatsen. Een heel gedoe om alle campers op de goede plek te krijgen. Maar iedereen helpt elkaar en dat maakt het een stuk makkelijker. Morgen een druk programma. In alle vroegte naar Rabat, met een bus, voor een aantal bezienswaardigheden. 's Middags gaan we naar Casablanca.

  

Dinsdag 15 februari

Vanochtend om 10 uur met de bus naar Casablanca. Daar hebben we de Moskee Hassan II bezocht. De grootste moskee ter wereld en de enige waar je in mag als toerist, tussen de gebedsdiensten door (5 x per dag). Om 12 uur weer terug naar de camping voor de lunch en om 13.00 uur weer de bus in naar Rabat, de hoofdstad van Marokko. Een mooie ruime stad met brede wegen en enigszins westers aandoend. De koning heeft hier zijn paleis, voor gestaan, en door het oude stadscentrum de Medina gelopen. Ook de kashba in geweest, een ommuurde wijk met kleine winkeltjes en erg nauwe straatjes. In de regen, iedereen nat en koud, erg jammer. We waren om half zeven weer terug in de camper. Kachels en dikke kleren aan, een borrel en het leed was geleden.

  

Woensdag 16 februari

Vanochtend vroeg op.  De camping waar we stonden had erg kleine en nauwe plekken, dus iedereen hielp elkaar met uitrijden. Helaas toch wat schade opgelopen aan de hoek van een raam. Via een stoeprand langs een palmboom. Het raam heeft nu een sierlijst van ducktape. De route ging van Mohammedia naar Oualidia, zo’n 235 kilometer. We zijn bijna helemaal binnendoor gereden en halverwege hebben we het stadje El Jadida bezocht. Erg gezellig, het was kennelijk een feestdag, iedereen vrij en een drukte van belang en veel kraampjes. Het valt op dat je overal rustig kunt lopen zonder lastig gevallen te worden door mensen die je van alles willen verkopen; hadden we niet verwacht. Parkeren was geen probleem: op iedere parkeerplaats lopen mannetjes die je op een plek loodsen en voor omgerekend 1 euro op de camper passen.  Bij aankomst in Oualidia bleek de camping gesloten wegens “renovatie”. Nu staan we in twee rijen langs een weggetje achter elkaar. Met ook weer een mannetje die alles regelt.  Het wordt morgenvroeg in elk geval weer “georganiseerd” vertrekken. Vanavond gaan we met z’n allen eten in één van de beroemdste visrestaurants van Marokko.

  

Donderdag 17 februari

Vandaag de volgende etappe, van Oualidia naar Essaouira. Halverwege zit nog een bekend pottenbakkersdorp, Safi. Daar gaan we eerst kijken, we rijden er in een lange stoet naar toe. Uiteraard wordt er het een en ander gekocht via het spel van loven en bieden.  Met veel gedoe betalen we uiteindelijk 40% van de oorspronkelijke prijs. En dat schijnt een redelijke score te zijn. De reis van Safi naar de eindbestemming is weer individueel. Het landschap wordt steeds fraaier en veel zwaaiende mensen langs de weg. We zwaaien vriendelijk terug en voelen ons een beetje genant, een beetje Willem Alexander en Maxima. Het wegdek wisselt nogal. Ook vandaag weer een stuk van zo’n 15 kilometer vol gaten en kuilen. Even voor de plaats van bestemming worden we aangehouden door Nederlandse camperaars van een andere groep: een lekke voorband. Samen met een Marokkaanse “monteur” verwisselt Wim de lekke band. De fooi is voor de Marokkaanse monteur; zijn dag kan niet meer stuk en hij glundert van oor tot oor. We komen als laatste van de groep aan op de camping. Die is overvol, maar voor ons is er een plek vrij gehouden. Gelijk maar aan de wandel door het drukke en luxe vakantiestadje.  Morgen een rustdag, we zien wel wat die brengt.

  

Vrijdag 18 febuari

Ondanks de rustdag vroeg op. Kleren gewassen, de camper opgeruimd, water geloosd en ingenomen en gewandeld. Om 11 uur zou Ben komen, een kennis die we vorig jaar in Griekenland ontmoet hebben en die nu ook in deze buurt campert. Gezellig koffie gedronken en daarna het stadje in. Lekker gegeten, Marokkaans, en door de winkelstraatjes gewandeld. Het was er gezellig druk. Aan het eind van de middag op de camping geborreld met de naaste buren, ook al gezellig. Daarna onder de douche, tegen betaling: 8 dirham per persoon (80 eurocent). Al met al weer een leuke dag. Morgen een etappe van zo'n 280 kilometer via Agadir, daar is nog een grote Marjana supermarkt, naar Tiznit.

  

Zaterdag 19 februari

Vanochtend om half negen vertrokken voor de rit naar Aglou Plage, een plaats in de buurt van Tiznit. Onderweg diverse stops gemaakt. Eerst bij arganiabomen, waarvan de vruchten gebruikt worden voor olie. En de geiten vinden ze erg lekker, ze klimmen er zelfs voor de bomen in. Vervolgens gestopt bij een cooperatie waar de olie gemaakt en verkocht wordt. Wat verder onderweg kwamen we een jongen tegen waarvan de geiten boven in een boom zaten. Voor een paar munten en wat snoep foto’s gemaakt. Vervolgens verder naar Agadir, een grote, drukke en erg toeristische plaats. Boodschappen gedaan bij voorlopig de laatste, grote supermarkt. Rond vijf uur waren we op de camping. Eigenlijk een goed georganiseerde camperplaats, waar wel honderd campers staan. Vooral veel Fransen.

  

Zondag 20 februari

Vanochtend eerst aan de wandel. Een heel eind langs de zee gelopen. Tegen en in de rotsen staan kilometers lang allerlei bouwsels. In sommige wonen vissers, andere dienen als opslagplaats. Tijdens het maken van een foto worden we uitgenodigd om in de grotwoning van een oudere visser te komen kijken. Het ziet er schoon en fraai uit. Compleet met kookplaats en drie bedden. We krijgen thee aangeboden, waar we niet omheen kunnen. We volgen met verbazing het ritueel van het thee zetten door de man. En, hoewel erg zoet, het smaakt nog lekker ook. We nemen afscheid met veel handen schudden en uitgebreid zwaaien. Vanmiddag lekker in de zon gezeten (zo’n 25 graden), wat gelezen, naar Langs de lijn geluisterd en deze site bijgewerkt. Straks met z’n allen aan de borrel en daarna uit eten. Voor omgerekend acht euro (samen) kun je bijna niet zelf koken. Via de Nederlandse radio horen we iets over betogingen in de grote steden hier. Wij merken daar helemaal niets van. Bovendien gaan we de komende achttien dagen het binnenland in en zullen we van enige onrust waarschijnlijk niets merken.

  

Maandag 21 februari

Vandaag zijn we naar Tafraoute gereden, ongeveer 150 kilometer het binnenland in. Eerst terug naar Tiznit, naar de zilverwinkeltjes en natuurlijk een paar oorbellen gekocht. Waarschijnlijk te duur, afdingen blijkt nog een hele kunst, maar ze zijn wel leuk. De route was prachtig, door de bergen via een slingerende weg met mooie uitkijkjes. Nu staan we op zo'n 1000 meter hoogte in een oase vol met palmbomen. de bergen om ons heen zijn van rood graniet, heel apart. Vanmiddag het dorp in gelopen; veel schoenmakers die in de winkel schoenen en sandalen maken en blikslagers die emmers en lampen maken. verder veel timmermannen, fietsenmakers en garages. Alles wat er in een zaakje gemaakt wordt is te koop. Vanavond met z'n allen buiten gegeten: geit uit een tajine. Zeg maar een stoofpot met geitenvlees, aardappelen en groente. Lekker!

  

Dinsdag 22 februari

Vanmorgen om 10.00 uur een wandeling gemaakt onder leiding van een gids. Onder andere een Berberhuis bezocht, compleet met ontvangst met thee. Ook al vraag je om geen suiker, de thee is en blijft mierzoet. Aan het einde van de wandeling nog uitleg gekregen over tapijten. Erg mooi, maar ook erg aan de prijs.

  

Woensdag 23 februari

Vanochtend eerst in colonne van de camping in Tafraoute naar "de blauwe stenen". Een Belgische kunstenaar heeft ooit verzonnen om een aantal granieten rotsen met latex van een kleur te voorzien. Door de zon en de schaduwwerking moet dit erg mooi zijn. Wij vonden het zonde van de rotsen en de latex. De wandeling erheen was overigens erg mooi. Daarna ging elke equipe verder op eigen gelegenheid. Wij zijn nog even terug gegaan naar Tafraoute, naar de markt. Vervolgens weer wat verder het binnenland in, naar Taroudant. En opnieuw een mooie route door de bergen. We hebben weer alle kleuren gezien, die helaas op de foto´s en video veel minder goed zichtbaar zijn. In Taroudant staan we langs de stadsmuur bij Palais Salam op een bewaakte parkeerplaats. Aan het einde van de middag een stadstour gemaakt met koetsjes en een leerlooierij bezocht. Het stonk er enorm en de animo om daat iets van leer te kopen was dan ook niet groot. Tot slot ´s avonds nog een diner in het Palais Salam. Een waardig einde van een lange, warme dag.    

  

Donderdag 24 februari

Weer een dag met een strak blauwe lucht. Via de wereldomroep horen we dat het in Nederland sneeuwt. Dus hebben we een beetje leedvermaak, sorry! Eerst de stad in gewandeld, die wordt omgeven door een acht meter hoge muur. Rond gezworven in een leuke souk, een wijk met een permanente overdekte markt waar ook weer van alles verkocht wordt. Grote sinaasappels en bananen gekocht voor omgerekend € 1,70, een tas vol. Vervolgens 130 kilometer verder gereden naar Taliouine, een plaats aan de voet van de Hoge Atlas. Eén lange rechte weg er naar toe. We staan op op een mooie camping. Stoeltjes naar buiten en in de zon, het is hier heet.

    

Vrijdag 25 februari

Vandaag dag 14 van de reis volgens het routeboek. Een rit van 170 kilometer van Taliouine naar Ouarzazate. En opnieuw een rit door enorme vlaktes en een paar bergpassen, en veel slingeren. De weg is soms uitstekend en soms erg slecht. Op de slechte stukken is het oppassen geblazen tijdens het passeren. Het landschap is weer fraai en in de buurt van Ouarzazate hebben de bergen opeens een totaal andere kleur. Onderweg in een dorp nog naar tapijten wezen kijken. Het is geen tapijt geworden maar een grote zak wol (blauw en beige), voor zes euro. De camping is erg vol, zeker als wij met 17 equipes een plek hebben gevonden. Wij hebben een redelijke plek met wat ruimte "voor de deur". Hoe we hier zondagmorgen weer weg moeten komen, morgen is een rustdag, zien we dan wel weer. Vanavond weer met z'n allen uit eten.

  

Zaterdag 26 februari

Bij het opstaan vanochtend staan er twee vreemde stoelen voor de deur. Blijken van een Franse mevrouw te zijn die vindt dat ze op een te krappe plek staat en denkt zich voor onze neus te kunnen installeren. De toon die zij en enkele van haar landgenoten aanslaan laat niets te wensen over. Als dan ook nog een Fransman een raam uit een camper rijdt van één van de andere equipeleden wordt de beeldvorming die we van de Fransen hier hebben gekregen, aardig bevestigd. Even dreigt er een Frankrijk-Nederland confrontatie. Uiteindelijk komt er een compromis. Wij schuiven een meter op en zij propt haar camper achter die van ons. Verder was het weer een leuke dag. Veel gewandeld in de plaats, koffie gedronken op terrasjes en het een en ander gekocht. Tegen de avond moesten de heren aan het pannekoeken bakken. Voor de lekkerste, de origineelste en de hoogst omhoog gegooide pannekoek waren prijzen beschikbaar. Morgen de volgende etappe richting woestijn.

Zondag 27 februari

Vanochtend vroeg vertrokken naar Zagora, 170 kilometer verder het binnenland in. Opnieuw een rit door en over bergen met passen en op een top 1700 meter hoog met weer mooie uitkijkjes. Onderweg nog maar eens uitgebreid koffie gedronken voor een soort marktterrein en ons verbaasd over alles wat we zien. Uiteindelijk zijn we uitgekomen bij de rivier de Dra. De weg langs deze rivier is druk. Vanwege het water is het vruchtbare grond en dus komen we door tal van dorpjes en rijden langs hele bosstroken van palmen. De camping waar we nu staan is mooi en we staan op gras onder de palmen. 's Middags op de fiets naar de zondagsmarkt geweest. Ook hier weer van alles te koop, zowel nieuw als gebruikt. Wij houden het bij wat vers fruit en kruiden voor de Marokkaanse stoofpot. Nu maar hopen dat we de goede kruiden meegekregen hebben: de communicatie was moeizaam maar wel vermakelijk. Morgenmiddag om vier uur vertrekken we op kamelen voor een overnachting in de woestijn. Als alles goed gaat volgt dinsdag het verslag.

 

Maandag 28 februari en dinsdag 1 maart

Maandagochtend eerst gewandeld. Tussen de camping en de rivier staat een palmbomenbos, met daaronder ommuurde groentetuinen waar je geweldig kunt verdwalen. Ook nog met een taxi naar het dorp geweest, voor 4 dirham per persoon (80 eurocent samen). 's Middags om vier uur stonden de drommedarissen klaar voor een tocht van twee uur hobbelen naar een tentenkamp in de "woestijn". Het was afzien, vooral voor de onderste delen van onze lichamen. In het tentenkamp eerst natuurlijk aan de thee, waarna er voor ons een maaltijd werd klaargemaakt. Na het kampvuur was iedereen moe en lagen we al vroeg in bed. Dinsdagochtend om half zeven was iedereen al weer wakker om de opkomst van de zon te bewonderen. En na het ontbijt iedereen weer op de viervoeters. Wobbie is halverwege afgestapt en verder gaan lopen, vanwege de nodige zitproblemen. En dat wandelen ging aanmerkelijk beter. Al met al toch een leuke ervaring. De rest van de middag geluierd en de dames hebben in groepjes van twee een salade gemaakt voor de barbeque aan het einde van de middag. En dat was een gezellige afsluiting van weer een dag. Vanavond maar vroeg naar bed, wat bijslapen en morgen vroeg op voor de één na langste etappe van 315 kilometer, de echte woestijn in.

    

Woensdag 2 maart

Vandaag dus een lange etappe. Het landschap verandert voortdurend en wordt steeds onherbergzamer. Hier en daar nog een dorpje met huizen van een soort klei of leem, mensen zie bijna niet meer. Het gebied waar we zitten heet Erg Chebbi en ligt tegen de Algerijnse grens. Hoewel de zon volop schijnt is de wind hier fris. En af en toe stuwt een wervelwind meters zand omhoog. Vanavond met de groep in het restaurant van de camping gegeten. Een Marokkaanse maaltijd met muziek toe. De camping is een soort familiebedrijf waarvan de mannelijke leden (de dames zien we niet) zich het vuur uit de sloffen lopen. Erg aardige mensen die nog goed kunnen koken ook.

  

Donderdag 3 maart

Weer een mooie dag; de wind is gaan liggen en de zon schijnt volop. Om acht uur wordt er met z’n allen gezongen voor een jarige in de groep (de borrel volgt later in de week). Om negen uur gaan we op jeepsafari. We stoppen regelmatig om van de uitkijkjes te genieten, vooral de zandduinen zien er imponerend uit. Bij vrijwel elke stop komen er kinderen te voorschijn. Waar die zo snel vandaan komen is volstrekt onduidelijk. Mogelijk verspreiden toeristen een bepaalde geur die ze al van heel ver kunnen ruiken. Er wordt van alles te koop aan geboden. We komen zelfs twee woestijnvosjes tegen, aan de riem, die tegen betaling gefotografeerd mogen worden. Alles wat er te zien valt in dit eenzame gebied hebben we wel zo ongeveer bezocht. Zo ook een dorp waar nog afstammelingen van slaven uit Senegal wonen. Daar werd ook een kleuterklasje bezocht en werden uit Nederland meegebrachte knuffels, pennen, kleurboekjes en ballonnen afgegeven. Verder een verlaten dorp en een oude mijn bezocht. En ook regelmatig fossielen gezocht, leuk om te doen want je vindt ze hier nog echt. Tussen de middag een lunch bij de Berbers in een tent. Tegen vieren waren we terug en hard aan koffie toe. Daarna nog maar een eind gewandeld langs de zandduinen. De campings hier zijn allemaal ommuurd en vrij klein. Die muren zijn, net als de huizen, van een soort leem of klei, vermengd met strosnippers. Het sanitair is niet om over naar huis te schrijven, dus dat doen we ook maar niet. Maar we hebben alles aan boord dus geen reden om te klagen. En de mensen zijn zoooo aardig hier.

  

Vrijdag 4 maart

Vandaag een korte rit naar een camping in de plaats Source Bleu Meski. Onderweg stoppen we bij een steenslijperij. De rotsbodem zit hier vol met fossielen. En die zijn overal te koop. In de slijperij worden ze bewerkt en uiteraard ook verkocht. Meest opmerkelijk is dat er hele granieten tafels, met daarin zichtbaar allerlei fossielen, van gemaakt worden. Je kunt ze hier kopen, worden vervolgens naar je huisadres verzonden en bij de ontvangst betaal je pas. De camping ligt aan een snel stromende rivier compleet met een soort natuurlijk zwembad. Het eerste wat opvalt is de droogte hier. De bodem is niet bedekt met zand, maar met een dikke laag stof. Iedere beweging, door wat dan ook veroorzaakt, geeft een stofwolk. De camper is van buiten, maar ook van binnen, bedekt met stof. We hebben waarschijnlijk een compressor nodig om na terugkomst om de boel weer schoon te krijgen. De omgeving van de camping is niet geweldig. Het dorp is saai met straatjes van zand, stof en keien en het lijkt armoe troef. Aan de andere kant van het riviertje ligt een verlaten dorp. Konden we vandaag niet bereiken tijdens het wandelen. Gaan we morgen met een gids heen. Eind van de middag nog twee verjaardagen gevierd van reisgenoten. Compleet met, laten we zeggen “medewerkers van de camping”. Kennelijk hebben de eigenaren veel familie die van alles voor je willen doen, tegen kostprijs uiteraard. En dat kan gaan om bij voorbeeld gasflessen vullen, de camper beschilderen of muziek maken. Op deze camping staat ook een hele grote dure camper van Duitsers. De mevrouw van deze camper blijkt kapster te zijn. Ze is de hele middag bezig met het knippen van de Nederlandse dames, en Wobbie dus ook. Vandaar de dure camper. Vandaag waren er voor het eerst sedert dagen weer wolken aan de hemel. En tegen de avond werd het ronduit koud. Nu, het is acht uur (negen uur in Nederland), zitten we in de camper voor het eerst sedert Spanje met de kachel aan.

  

Zaterdag 5 maart

Een rustige dag vandaag. Vanochtend met een gids en de groep een wandeling gemaakt naar een verlaten dorp. En vanmiddag in de zon gezeten en in en om de camper gerommeld. In de loop van de middag veel last van jongens die je van alles en nog wat willen verkopen. Ze weten dat we morgen verder trekken en proberen nog een slag te slaan. Dat lukt ze niet bij ons. Aan het einde van de middag ontstaat er enige commotie. Er is de hele dag gewerkt aan de elektriciteitskastjes op de camping. Dat wil zeggen dat er één iemand sleutelt en er zes mensen adviezen geven. Dan blijkt plotseling dat er geen 220 volt op het systeem staat, maar 320. Uiteindelijk blijken twee campers de nodige schade te hebben opgelopen. Hoop gedoe.

    

Zondag 6 maart

We vertrekken gezamenlijk van de camping. De reden is de steile uitrit van een dkleine honderd meter. Daar is gisteren in elk geval één Fransman blijven steken die wij, Hollanders, omhoog hebben geholpen. Uiteindelijk gaat het allemaal goed en tegen het einde van de etappe belanden we in een geweldige kloof (Todra). Als we de kloof uit zijn komen we de camping tegen. Een keurige camping met voor dit land prima sanitair. En aardige mensen. Het dorp zelf, op zo’n hoogte van 1600 meter stelt weinig voor. Het dorp en de bergen er omheen zijn kaal en droog en de huizen maken een armoedige indruk. Op deze hoogte is het ook fris, ondanks het bleke zonnetje. Vanavond gaan we weer eten met z’n allen en morgen een andere kloof.

  

Maandag 7 maart

Na een koude nacht, het was bij het opstaan 0 graden en er is sneeuw gevallen boven in de bergen, weer een mooie rit.  De lengte valt mee, maar 100 kilometer, maar we doen er bijna de hele dag over. Eerst naar het dorp Tenerhir, waar nog heel veel  handwerklieden aan het werk zijn. Vooral werkplaatsjes waar getimmerd wordt en van alles van ijzer gemaakt wordt. Ook, als je goed zoekt want ze zitten op een vierkante meter, zie je nog mannen achter een naaimachine van alles maken. In de zon is het heerlijk en op een terras uit de wind is het al warm. We gaan naar een hoogte van bijna 1700 meter, waar de camping zich bevindt. Maar eerst rijden we nog zo’n 30 kilometer verder door de Dades kloof. Het is prachtig, mooie uitkijkjes en vergezichten en bizarre rode rotsformaties. Veel bergen bestaan uit trapsgewijze steenlagen met bovenop een plateau. We rijden door de smalste doorgang van een paar honderd meter  met de rivier vlak naast ons. Daarna volgt er een spectaculaire klim met een aantal haarspeldbochten. Nogal spannend allemaal. En als de asfaltweg verandert in een grindpad besluiten we om terug te gaan, waardoor we alle hindernissen in omgekeerde volgorde moeten nemen. Tegen vijf uur zijn we pas op de camping en besluiten zelf te koken. Onderweg hebben we verse groente gekocht, een volle zak met van alles er in werd tegelijk gewogen en kostte omgerekend € 1,20. Twee keer koffie op een terras € 1,00, 4 koeken € 0,90. We houden geld over….

  

Dinsdag 8 maart

Ook vandaag weer een mooie route. We komen weer wat dichter bij de bewoonde wereld, komen meer dorpen tegen waarvan de huizen een kleurtje hebben en de armoede minder zichtbaar is. We zitten in een dorp met de naam Ait Ben Haddou, in de buurt van Ouarzazate. In deze laatste plaats hebben we een aantal dagen geleden op een camping gestaan. We staan op een grote parkeerplaats, zonder voorzieningen maar met een mijnheer de de wacht houdt. Het dorp is nogal toeristich ingesteld vanwege een gerestaureerde Ksar, een oud ommuurd stadsgedeelte. En deze staat op de wereld erfgoed lijst. Aan het einde van de middag een rondleiding gehad met een goede gids. Tot slot nog maar eens met een aantal medereizigers wezen eten.

  

Woensdag 9 maart

Vandaag een route door de Hoge Atlas gereden. De hoogste pas was er een van 2260 meter. En, het wordt wat eentonig, weer een fantastische route. Het landschap verandert van geel/bruin en kaal in volop groen van bomen die uitlopen. De lente is begonnen! Helaas zijn de panorama’s nauwelijks op een foto vast te leggen; je moet ze in het echt zien. Onderweg talloze kraampjes en eenzame mensen met een tasje vol stenen in de meest fantastische kleuren. Te mooi om echt te zijn. Als we een plek hebben gevonden waarvan we denken even rustig koffie te kunnen drinken, staat er binnen de kortste keren een mannetje met een fiets en een mandje met stenen voor onze deur. We willen eigenlijk wel een glimmende steen meenemen voor onze kleinzoon Twan. Het onderhandelen over de prijs wordt een heel gedoe. Uiteindelijk is er een overeenkomst. Voor een paar euro’s krijgen we er twee mee. Wij tevreden, het mannetje helemaal uitgelaten. En hij wil nog meer stenen kwijt. Ruilen is ook goed, kleding, schoenen, drank, alles is bespreekbaar. Uiteindelijk ruilen we nog een mooie steen voor twee blikjes bier en maken dat we weg komen. We gaan vervolgens verder naar Marrakech om boodschappen doen bij een grote supermarkt, de Marjane. De TomTom leidt ons bijna dwars door de stad. En hoewel het een vierbaansweg is, is het een drukte van belang. Die weg wordt door iedereen gebruikt, auto’s, brommers, karretjes met ezeltjes en voetgangers. En iedereen die haast heeft, en dat heeft iedereen, vliegt ons links en rechts voorbij. Uiteindelijk komen we bij de supermarkt, waar we als enige camper op de parkeerplaats staan. Later blijkt er nog een supermarkt te zijn waar de andere campers zijn beland. De camping is groot en ruim en druk. We staan met z’n allen op een soort middenterrein omdat er kennelijk geen rekening was gehouden met de grootte van de groep. Morgen om negen uur gaan we Marrakech bekijken.

     

Donderdag 10 maart

We zijn de hele dag naar Marrakech geweest. En net als de het vorige bezoek aan een grote stad, was het zwaar bewolkt en begon het in de loop van de middag te regenen. Het eerste onderdeel, en voor ons heel bijzonder, was het bezoek aan de “Jardin Marjorelle”, een complex met cactussen en andere exotische planten en bomen. Schijnt een aantal jaren van Yves SaintLaurant geweest te zijn en die heeft het nagelaten aan de joodse gemeenschap van Marrakech. Daarna een gravencomplex van een beroemde familie en een paleis bezocht. Na de lunch rond de oude moskee en door de medina gelopen.  Een bezoek aan een kruidendokter was vooral voor de dames erg interessant. Compleet met uitleg en demonstratie over kruiden, oliën en zalfjes, tot en met een massage van nek en schouders. Uiteraard is er het een en ander ingeslagen. Daarna het grote plein op. Dit plein is het kloppend hart van de oude stad. Daar gebeurt van alles. Met aapjes op de foto, of met een slang om je nek, of met een “waterman” in klederdracht, enzovoort. Dit alles heeft een hoog dirham-gehalte. Tegen het einde van de middag komen uit alle richtingen vervoermiddelen te voorschijn met materiaal om een groot deel van het plein om te toveren in een groot openluchtrestaurant. Het hele plein is blauw van de rook ruikt naar het braden van vlees. Wat eerder dan gepland, vanwege het weer, gaan we terug naar de camping, waar we even bij moeten komen van alle indrukken. Ronduit jammer is het gedoe rondom het maken van foto’s op en rond het plein. Alleen al het vermoeden dat iemand gefotografeerd zou kunnen worden kan leiden tot een forse scheldkanonnade, tenzij je betaalt.

  

Vrijdag 11 maart

Vandaag een rustdag op de camping bij Marrakech. Dat wil zeggen dat we de dag zelf in kunnen vullen met een bezoek aan de het oude of nieuwe centrum, een bezoek aan een hamman of bijkomen op de camping. Na de nodige schoonmaakwerkzaamheden in de camper gaat Wobbie met een groep van acht dames naar de hamman. Wim past op de camper en werkt de site bij. Omdat er veel  mensen weg zijn is de internetverbinding prima. Op de camping lopen veel pauwen rond. We krijgen regelmatig bezoek van pauwen die er op rekenen dat ze wat te eten krijgen.

                                                                                                                                 Mijn hamman ervaringen. Het was heel bijzonder. De kosten waren 10 euro per persoon. De baas van de camping bracht ons met het busje. Bij binnenkomst, het zag er nogal armoedig uit, kregen we een scrubhandschoen en wat zeep. Volgens ons was het groene zeep in een stukje krant gewikkeld. Er waren verschillende kamers, helemaal betegeld, en in een van de ruimtes moesten we op de grond gaan zitten, die gelukkig erg warm was. En er stonden allemaal emmers water, douches hebben we niet gezien. We werden eerst helemaal ingezeept met zeep en daarna gescrubd met een handschoen en dat ging niet zachtzinnig. Er werd geen stukje van ons lichaam overgeslagen. Daarna afgespoeld met warm water en vervolgens weer ingesmeerd en gemasseerd, en opnieuw afgespoeld. En dat alles op de grond. Ik voel me heerlijk schoon en heb een zijdezacht huidje.

    

Zaterdag 12 maart

Het is alweer de 29e dag van ons verblijf in Marokko. We verlaten Marrakech en gaan nog even de bergen in. We rijden naar de plaats Ouzoud. Alles bij elkaar zo’n 170 kilometer. We stoppen in de plaats Demnate waar we een natuurlijke brug bekijken. Een soort overdekte kloof. Via een stevige klauterpartij kun je onder de “overkapping” door en aan de andere kant weer omhoog.  We worden begeleid door een  amateur gids die precies weet via welke stenen je wel en niet kunt lopen. Uiteraard tegen een geringe vergoeding. We staan nu op een camping in Ouzoud. Deze camping, Zebra genaamd, wordt gerund door de Nederlanders Paul en Renate. En dat zie je aan alles. Vooral het sanitair is geweldig. Zo mooi kom je zelfs niet op campings in Nederland tegen. ’s Avonds met de groep in het restaurant gegeten. Een prima Marokkaanse maaltijd.

  

Zondag 13 maart

Vandaag heet het een rustdag te zijn. Om 10 uur starten we echter met een wandeling naar de beroemdste watervallen van Marokko, hier in Ouzoud. Die bevinden zich in een spectaculair landschap en je kunt er als het ware helemaal omheen lopen. Uiteraard met veel klimmen en dalen doen we er een kleine drie uur over, ook al omdat we een prima gids hebben die van alles onderweg uitlegt. Omdat het zondag is zijn er ook veel dagjesmensen. Iedereen is in een goede bui, het weer is lekker en het is een gezellige bedoening. Aan het einde van de middag gaan we nog een keer met z'n allen gezellig aan de borrel. Eigenlijk een soort voorbereiding voor de etappe van morgen. De langste van zo'n 365 kilometer naar het noorden, naar Fez. Hopelijk kunnen we morgenavond nog een keer internetten. De vier weken van onze Marokkaanse dongel zijn afgelopen. De volgende gelegenheid zal anders het komend weekend in Spanje zijn.

  

Maandag 14 maart

Een duidelijk mindere dag wat het weer betreft. Bij het opstaan en het vertrek regende het behoorlijk. Onderweg alle soorten weer gehad, tot en met hagel aan toe. Het landschap is opnieuw mooi en afwisselend. Helaas is een groot deel van de weg slecht, vol knipgaten, hobbels en kuilen. Opletten geblazen dus voor de chauffeurs. Door de slechte stukken duurt de rit lang. Tegen vier uur komen we aan op de camping in Fez. Onze camper hoort licht van kleur te zijn. Op de camping is hij echter okergeel. Een emmer water met wat sop en goede borstel doet wonderen. Ook hier heeft het kennelijk een groot deel van de dag geregend. De min of meer droge plekken zonder rode modderplassen zijn nog met moeite te vinden. Tegen zes uur zijn alle equipes  binnen; niet voor iedereen is de reis vlekkeloos verlopen. Morgen gaan we Fez bekijken.

  

Dinsdag 15 maart

Vandaag om negen uur dus op excursie naar Fez onder leiding van een gids. We hebben heel veel werklieden in allerlei werkplaatsen en ateliers aan het werk gezien. Kleermakers, pottenbakkers, een hele kleine bakkerij, een weverij, een timmerwerkplaats voor bruidsstoelen enzovoort. En dat alles onder omstandigheden die in Nederland niet meer zou kunnen. De meeste indruk maakte nog een leerlooierij. Van een hoge etage keken we neer op een groot aantal betonnen bakken met allerlei kleuren vloeistof en daarin huiden van dieren. En mannen die, soms blootsvoets, in die bakken de huiden met hun voeten staan te bewerken. En dat alles in de stank en smurrie. Wij konden een takje munt krijgen tegen de stank, de mannen beneden deden het zonder. De uiteindelijke resultaten hingen in de verkoopruimtes. Vooral prachtige tassen en jassen in alle soorten, maten en kleuren. Een jas kon ter plekke uitgezocht worden, waarna een kleermaker de exacte maten nam en de jas nog diezelfde avond op de camping bezorgd werd. Tussen de middag weer genoten van een prima lunch. Helaas werd het weer in de loop van de dag steeds minder en in de middag begon het weer te regenen. En dat duurde tot aan het begin van de avond. De camping staat inmiddels vol met plassen water en modder. Erg jammer, want ondanks het matige sanitair is het een mooi groot terrein met veel ruimte.

  

Woensdag 16 maart

Vanmorgen rustig aan gedaan. We gaan naar een parkeerplaats in Meknes en voor 12 uur weggaan had niet zoveel zin. Tegen half tien begon het te regenen en het heeft de hele dag geregend. Grote waterstromen over de weg en overal enorme plassen. Een tocht met koetsjes en een excursie vanmiddag gingen niet door vanwege het weer. We hebben nog wel een poging gedaan het centrum te bezoeken maar ondanks veel schuilen waren we uiteindelijk door en door nat en koud. Dus terug naar de camper en de kachel aan; we vermaken ons wel. We staan op een bewaakte parkeerplaats en die is nu nog erg rumoerig. Benieuwd hoe dat vannacht gaat.

  

Donderdag 17 maart

Het is dag 34 van de reis in Marokko. We hebben goed geslapen, en nog belangrijker, de zon schijnt! En we gaan naar het noorden, richting Tanger, waar we zaterdag met de boot naar Spanje gaan. We verlaten de parkeerplaats in Meknes al vroeg en gaan naar Chefchaouen, 200 kilometer verder. Onderweg stoppen we bij de resten van een Romeinse stad, Volubis genaamd en krijgen een rondleiding van een gids. Mogelijk ligt het aan ons, maar dit soort complexen lijken allemaal op elkaar, in welk land je ze ook tegenkomt. Maar het weer is mooi en het is een leuke wandeling over het grote complex. Gedurende de verdere rit komen we terecht in de voorlopers van het Rifgebergte. Het landschap is weer prachtig; glooiend en enorm groen. Om de honderd meter passeren we herders die hun schapen en koeien in de bermen “uitlaten”. In dit gebied schijnt veel hasj verbouwd te worden, waar we overigens niets van zien of merken. In de loop van de middag komen we aan op de plaats van bestemming. De camping ligt hoog boven het dorp, is ruim, maar omdat we zo hoog zitten is het er koud. We gaan aan de wandel en ontdekken een stijl pad dat ons rechtstreeks in het dorp brengt. En hoewel heel veel winkeltjes met souvenirs die we al veel vaker gezien hebben, is het er leuk slenteren door de nauwe straatjes met veelal lichtblauwe huizen. Morgen zijn we nog een dag hier en staat al min of meer in het teken van het afscheid.

  

Vrijdag 18 maart

Onze laatste dag in Marokko. En het is een mooie dag met volop zon. Vanochtend met de hele groep koffie gedronken en de laatste bijzonderheden doorgenomen voor de overtocht morgen, adresgegevens uitgewisseld, een grote schaal als aandenken aan deze reis gekregen etc. Daarna aan de wandel, eerst de berg achter ons verder beklommen en na het eten nog een keer het dorp in geweest. Inclusief koffie op een terras. Vanavond voor de laatste keer eten met de groep en morgenvroeg om zeven uur (!) vertrekken we naar de haven van Tanger voor de overtocht.

  

Zaterdag 19 maart

De dag van de overtocht, van Afrika terug naar Europa. We vertrekken om 07.00 uur voor de laatste rit van 100 kilometer naar de haven van Tanger. Als alles goed gaat vertrekt de boot daar om 11.00 uur. We verzamelen bij de haven, waar het nog rustig is. Ondanks dat toch een hectisch gedoe rondom de formaliteiten. En die kunnen per camper verschillen. De sfeer is echter zeer ontspannen, de politie, de douane en de overige havenautoriteiten zijn in een goede bui. Er wordt veel gegrapt en gelachen. Waarschijnlijk mede dankzij de echte Hollandse sigaren die reisleider John uitdeelt. De truc waarmee je in de jaren zestig een campingbaas kon paaien werkt hier dus nog steeds. Uiteindelijk vertrekken we op tijd en zijn om half twee in de haven van Algeciras. Nog op de boot wordt hartelijk afscheid genomen, behalve van vier equipes die een boot voor ons moesten nemen en in de haven niet meer te vinden waren. Gelukkig kan er ge-sms’t worden. Het afscheid nemen kost moeite, iedereen beseft dat het nu, na vijf weken intensief met elkaar opgetrokken te hebben, echt afgelopen is. Elke equipe gaat op eigen gelegenheid verder, of terug naar huis. Wij gaan richting Portugal en maken een tussenstop in de buurt van Sevilla. Het dorp heet El Rocio, en daar zijn we op de heenreis ook al geweest. Op de camping is nu druk, veel Nederlandse vakantiegangers en Spanjaarden die hier een vaste staanplaats hebben. Tegen de avond wandelen we naar het dorp. Het is er gezellig druk. Veel ruiters op paarden, koetsjes en een bruidspaar bij de fantastische kerk. Inmiddels hangt rondom de camper een gedeelte van de was te drogen. Morgen gaan we “bijkomen”.

        

Zondag 20 maart

In de ochtend wandelen we naar het dorp. En we weten niet wat we zien. Dagjesmensen worden met bussenvol aangevoerd. De stad is verdeeld in woonblokken met de namen van Spaanse steden. Kennelijk behoren die bij de betreffende stad. En een aantal van die woonblokken zitten stampvol mensen. Op een bepaald tijdstip wordt er een stoet geformeerd, muziek voorop, allerlei vaandels worden meegedragen en enorme manden met prachtige bloemstukken. Een soort processie. In optocht gaat dat naar de kerk, waar dan kennelijk een mis opgedragen wordt. Dat duurt een uur, waarna de volgende optocht van een andere plaats verschijnt. En dat gaat de hele zondag door. Morgenvroeg, als iedereen weer naar huis is gaan we nog even in de kerk kijken; die moet helemaal vol staan met de mooiste bloemstukken. Ondertussen hangt de tweede en laatste lading was aan de waslijnen. Het is hier rond de dertig graden, dus tegen de avond is alles droog en ligt alles weer in de kasten.

  

Maandag 21 maart

Vandaag op de fiets naar de zee wezen kijken, ongeveer vijftien kilometer hier vandaan. Er ligt een kilometers lange boulevard met allerlei villa’s, vakantiehuizen en appartementencomplexen. Het is er nu bijna uitgestorven en vrijwel alle horecagelegenheden zijn gesloten. Al met al zijn we vier uur onderweg en hebben er dan 40 kilometer opzitten. En onderweg voor een paar euro's twee kilo aardbeien en een aantal sinaasappels op de kop getikt. Daarna heerlijk in de zon bij zitten komen. Het dorp hier is nu ook uitgestorven, dat was het weekend duidelijk anders. We gaan morgen verder naar Portugal en op zoek naar camperplekken tussen Monte Gordo en Tavira. De komende dagen hebben we waarschijnlijk dus geen internetverbinding. Als de planning uitkomt, staan we het weekend waarschijnlijk weer ergens op een camping.

  

Dinsdag 22 maart

We reizen verder naar Portugal en nemen de route langs de kust, via Matalascanas, Mazagon, Huelva en Isla Christina. Een mooie route door een natuurgebied en leuke Spaanse plaatsjes. Bij het doen van boodschappen bij een Lidl worden we gewaarschuwd door een Duitse mevrouw, de camper niet alleen te laten in dit deel van Spanje.  Bij haar was er ingebroken. Dus op naar Portugal. De camping in Monte Gordo is erg vol, ook op het terrein daar tegen over staan weer campers (vorig jaar nog “ontruimd”). We gaan naar de camperplek aan de andere kant van Monte Gordo, Adam en Eva. En daar is geen camper meer te bekennen; er staan nu verbodsborden. Een dorp verder, in Altura, staan wel weer veel campers (mocht vorig jaar niet meer). We staan daar op een grote parkeerplaats. Geen verbodsbord te bekennen, wel politie die alleen maar voorbij rijdt. Volop zon, de mimosa volop in bloei maar wel een frisse wind.

  

Woensdag 23 maart

Vanochtend op de fiets naar Monte Gordo gereden, ’s middags in de duinen aan zee gelegen. Een strak blauwe lucht en warm.

  

Donderdag 24 maart

We gaan weer een stukje verder. Eerst in Manta Rota gekeken. Het is er druk, veel campers en de wind is er nog fris. Doorgereden naar Pedras de Rei, daar is nog een mooie plek vrij. Stoelen naar buiten en heerlijk in de zon. ’s  Middags weer naar het strand.

  

Vrijdag 25 maart

Op de fiets naar Tavira geweest: rondgewandeld in het dorp, geshopt in het nieuwe winkelcentrum, Wobbie naar de kapper geweest etc. De slechte economie van Portugal dus een impuls gegeven. Het weer was wat minder vandaag, voor het eerst sedert dagen weer wolken gezien.

Zaterdag 26 en zondag 27 maart

We hebben weer een camping opgezocht, Ria Formosa in Cabanas. Daar zijn we voor de reis naar Marokko ook geweest. Stond toen nog vol met overwinteraars. De meesten daarvan zijn nu vertrokken, de camping is erg rustig. Het voordeel van deze camping is dat je een prima internetverbinding hebt. Vandaag weer met het schoonmaken van de camper bezig geweest. Van buiten gewassen en al het nog aanwezige Marokkaanse water vervangen door vers Portugees water. De zon en wolken wisselen elkaar af vandaag. In de zon en uit de wind is het lekker. De zondag was een rustdag. Wat geluierd, gewandeld, gelezen en tv gekeken, kortom niets bijzonders gedaan. Morgen weer een stukje richting westkust, naar Silves.

    

Maandag 28 maart

We trekken verder naar het westen en komen uit in Silves, een stukje het binnenland in. Vorig jaar zijn we hier ook geweest, we staan weer op de grote parkeerplaats bij het zwembad. Door het dorp gewandeld, boodschappen gedaan, een zak vol tricot repen gekocht in een handwerkzaakje, koffie gedronken etc. Midden in de nacht worden we gewekt door een geweldig kabaal. Een groep jongeren met auto’s zetten de stereo op 10, en een uur lang genieten we van housemuziek. Daarvoor en daarna overigens goed geslapen. Het dorp kennen we nu wel, morgen weer verder.

  

Dinsdag 29 maart

Via via horen we van een camperplek in Portimao, bij Praia de Rocha. Het blijkt een groot parkeerterrein bij de jachthaven, speciaal voor campers. Voor één euro mag je er een etmaal staan. Lozen is inbegrepen, schoon water tegen kostprijs. De stranden zijn mooi en schoon. Helaas veel erg hoge hotelcomplexen. Verder veel wind maar de hele dag zon.

  

Woensdag 30 en donderdag 31 maart

We trekken weer wat verder langs de kust en stoppen in een baai met de naam Boca do Rio. Een verlaten oord waar enkel campers staan. Er zijn hier twee wandelmogelijkheden, de ene bergkam op naar een dorp, Salema, of de andere bergkam op naar een oud kasteel en een kleinere baai met een restaurantje. Woensdag gaan we naar het dorp, donderdag naar de kleine baai. Het weer is schitterend, veel luieren dus en kletsen met enkele andere Nederlanders.

  

Vrijdag 1 april

Omdat we deze site weer willen bijwerken zoeken we weer een camping op. Deze keer maar eens een waar we nog niet eerder geweest zijn: Camping Turiscampo bij Lagos. Een keurige camping, vol Nederlandse, Duitse en Engelse langkampeerders. Met helaas ook veel regeltjes, waar je, als je een aantal dagen vrij hebt gestaan, weer even aan moet wennen. Maar we kunnen weer internetten!

  

Zaterdag 2 april

We vertrekken op tijd en rijden langs de westkust omhoog. Het is bewolkt en dat blijft het de hele dag. Dus rijden is geen straf. We bekijken onderweg een aantal zogenaamde camperplekken. Er zitten een paar mooie tussen, maar in plaats waar we vorig jaar geweldig gestaan hebben zijn beide camperplekken afgesloten (Villa Nova de Millfontes). Het erbij behorende gebouw met alle voorzieningen is helemaal opgeknapt en bedrijfsklaar, maar de plek is ontoegankelijk gemaakt voor campers. We rijden nog een stuk door en komen uit in Porto Covo. Een groot parkeerterrein fungeert als camperplaats, en tegen de avond staat het helemaal vol. Het dorp is een beetje saai, de kust is erg woest en mooi.

  

Zondag 3 april

Als we opstaan regent het! We moeten kiezen: of nog een keer terug rijden richting Algarve of verder reizen naar het noorden. Uiteindelijk kiezen we voor het laatste en vertrekken naar de kuststrook een eind boven Lissabon. Het eerste deel van de route is saai. Begin van de middag, het is dan inmiddels droog, komen we bij de kust aan. Veel grotere dorpen in een glooiend landschap en allemaal druk vanwege de zondag. Wat we echter zoeken, camperplaatsen, vinden we niet. Wel veel Portugese campers die kennelijk voor een dag op een parkeerplaats staan, maar vrijwel geen campers uit andere landen. En de camperplaatsen die in een boek staan zijn volstrekt onvindbaar. Uiteindelijk komen we aan het einde van de middag uit in een dorp met de naam Areia Branca, vlakbij de plaats Lourinha. Daar is een camping die eigenlijk geen camping meer is. Het hele terrein staat vol met vierkante kunststof tenten, allemaal vaste staanplaatsen. Omdat er bijna niemand meer is mogen we op een middenpad staan. We hebben stroom, warme douches en worden bewaakt vannacht. Voor één nacht klagen we niet.

  

Maandag 4 april

We trekken weer wat verder naar het noorden, richting Porto. Het is mooi weer en we willen niet meer dan 100 kilometer rijden. We hebben in elk geval drie campings uitgezocht waar we langs komen en misschien komen we alsnog camperplaatsen tegen. En in het dorp van de eerste camping komen we per toeval op een camperplek terecht. Een vakantiedorp, Foz de Areilha, waarschijnlijk erg druk in de weekeinden en vakanties, maar nu bijna uitgestorven. We staan pal aan zee bij een soort vissershaventje, met nog zo’n tien andere campers op een heel groot terrein. Natuurlijk gewandeld in de buurt en heerlijk in de zon gezeten. En ’s avonds voor de zoveelste keer buiten gegeten; zo vaak hebben we nog niet eerder meegemaakt in het voorjaar.

  

Dinsdag 5 april

Weer zo'n 50 kilometer naar het noorden getrokken en aangekomen in de plaats Nazare. Groot druk en nu al veel toeristen. We komen een camperplek tegen midden in het centrum. Eigenlijk niet meer dan een parkeerplaats en wij vinden het niks. Dus een camping opgezocht even buiten de plaats. En dat "even buiten de plaats" valt vies tegen. Daar komen we achter als we de stad in en later weer uitlopen. Klimmen, dalen, verdwalen en ronddolen. En dat alles bij een dikke dertig graden. Eenmaal terug op de camping zijn we helemaal uitgeteld. Toch nog leuke dingen gezien en gedaan. Onder andere met een kabelbaan van het lage deel van het dorp naar het hoge deel geboemeld.

    

Woensdag 6 en donderdag 7 april

We trekken verder naar het noorden en komen 100 kilometer verder uit in een dorp aan zee met de naam Quiaios, even boven een grote plaats Fiqueira da Foz. Het landschap lijkt erg op de streek onder Bordeaux in Frankrijk. Veel grote bossen met naaldbomen, lange rechte wegen en we ruiken onderweg zelfs een pulpfabriek. En erg opvallend hier, bijna geen campers te zien. En op de spaarzame gedoogplaatsen waar campers zouden mogen staan, staat dus helemaal niets. We zoeken dus maar weer een Orbitur camping op. Dit keer een hele grote, waar nog geen tien andere gasten staan. Het is hier bloedheet, dus vanmiddag naar het strand geweest: was ook helemaal voor ons alleen. De naaldbomen om ons heen kraken en ritselen van de hitte, en dan met name de dennenappels die open barsten.  Op donderdag een heel eind gefietst. Eerst naar een moerasgebied en daarna min of meer verdwaald in de naaldbossen en ’s middags uitgerust op het strand in de volle zon.

  

Vrijdag 8 april

Weer 150 kilometer gereden: we zitten nu vlak onder Porto op een camping in het dorp Vila Nova De Gaia. Onderweg nog gestopt in Aveiro, een plaats met een grachtenstelsel waar je met een boot een rondvaart kunt maken. Wel leuk, maar Giethoorn is mooier. Vanmiddag op de fiets richting Porto geweest, langs de zee. Je kunt merken dat je bij een grote plaats bent: het is hier erg druk. De camping is heel erg groot maar slechts een klein deel wordt gebruikt. En dat deel is behoorlijk bezet.

  

Zaterdag 9 april

Omdat we langzaam maar zeker toch een keer richting Apeldoorn moeten gaan, verlaten we Portugal en trekken vandaag door naar Santiago de Compostela. We hebben enkele coördinaten van camperplekken en belanden natuurlijk midden in de stad. Dat wat camperplaatsen zouden moeten zijn staan vol met auto’s, er is geen doorkomen aan. Uiteindelijk belanden we 8 kilometer buiten de stad op een parkeerplaats van een zwembad, sporthal en schouwburg. We zijn de enige camper. Door een aardige man met auto worden we naar het centrum van Santiago gebracht. Het oude centrum staat vol met monumentale kerken, maar daar waar we eigenlijk voor komen, de wandelaars van de Sint Jacobsroute, zien we amper iets. En dat valt wat tegen. Wel heel leuk is dat we John en Joke, de reisleiders van de Marokko reis, tegen komen. En wat later twee reisgenoten, Wim en Maja, ook nog. Natuurlijk even stevig bij gekletst. Als we terug komen, met de bus, op de parkeerplaats staat deze bomvol met auto’s. We kunnen geen kant meer op. Blijkt er een happening aan de gang te zijn in de sporthal. Tegen tien uur in de avond is de rust weergekeerd en zijn we nog steeds de enige camper tussen enkele auto’s.

  

Zondag 10 april

We vertrekken vroeg, het is zwaar bewolkt en we willen een flinke ruk maken richting Frankrijk. Het landschap is erg heuvelachtig, maar na verloop van tijd wordt het wat saai, ook al omdat we hoofdzakelijk over snelwegen rijden. Na zo’n 300 kilometer gaan we op zoek naar een camperplek. Helaas, ook in deze hoek komen we niets leuks tegen. Eén plek staat helemaal vol auto’s, andere zijn helemaal leeg of niet te vinden. De eerste camping die we vervolgens uitgezocht hebben blijkt nog gesloten. Op  de tweede camping kunnen we gelukkig wel terecht, het is dan inmiddels half vijf. Het is een Spaanse camping met veel vaste staanplaatsen; het dorp heet Ruiloba en ligt op dertig kilometer van Santander.

  

Maandag 11 april

We gaan de elfde week in van de reis. Als we opstaan is het nat buiten, het heeft geregend. En het blijft de hele dag bewolkt en het miezert af en toe. Bij het vertrek moeten we vier uur rijden voor we in Biarritz in Frankrijk zijn. We doen er wat langer over, want vooral in de buurt van San Sebastian is het erg druk. Bovendien rijden we een paar keer verkeerd omdat we de TomTom niet begrijpen, of omgekeerd. In Biarritz kijken we eerst naar de camperplek daar: met name ligging langs drukke wegen en daardoor het lawaai staat ons niet aan en zoeken nog wat verder. Uiteindelijk wordt het de plek aan het strand van Ondres. De slagboom en de betaalautomaat werken nog niet en de politie zou zelf de zeven euro parkeergeld komen innen. Misschien zijn ze geweest, maar betaald hebben we nog niet. Het weer houdt nog steeds niet over, zwaar bewolkt, erg fris en een harde wind.

 

Dinsdag 12 april

We worden vroeg gewekt door de politie: ze komen de € 7 vangen voor de plek. Het is zwaar bewolkt en het miezert, dus we gaan weer rijden, richting Bordeaux. Tegen de middag breekt de zon door en stijgt de temperatuur flink.  Ook omdat we geen zin meer hebben veel verder te rijden zoeken we de kust nog een keer op. We komen terecht in een eenzaam en groot bos bij het strand ergens tussen Arcachon en Lacanau (Le Gressier/Le Porge). Ver verspreid staan nog drie andere campers en wij zoeken een plek in de zon om lekker bij te komen. Het wordt een stille nacht, alleen de branding is in de verte te horen.

 

Woensdag 13 april

Volgens de TomTom zijn we nog 1200 kilometer verwijdert van Apeldoorn. We verlaten de kust en gaan via Bordeaux en Angouleme richting Orleans. Even daarvoor vinden we een geweldige plek aan een vismeer in een klein oud dorpje. Nog 700 kilometer naar Apeldoorn. Maar eerst maar eens zien of en hoe we door Parijs komen.

  

Donderdag 14 april

Hoe dichter bij huis we komen hoe kouder de nachten worden. Bij het opstaan vanochtend net twee graden! Daar moeten we weer behoorlijk aan wennen. We gaan weer op weg en zijn rond elf uur bij Parijs. De TomTom leidt ons feilloos over de Périphérique en ondanks de drukte zijn we vrij snel Parijs voorbij. Omdat we op één dag geen 700 kilometer willen rijden, zoeken we een camperplek ergens in de buurt van de Belgische grens. Die vinden we in een dorp met de naam Catillon-sur-Sambre. Een aardige plek langs een kanaal; het dorp zelf stelt weinig voor. Uiteraard nog een eind gewandeld en zelfs nog even buiten gezeten.

  

Vrijdag 15 april

De laatste etappe vandaag, en we hebben er goed weer bij. Via Brussel en Antwerpen naar Breda gaat allemaal heel ontspannen. We hebben er 11.500 kilometer opzitten en bij Utrecht en Amersfoort voor het eerst deze reis in de file. We zijn weer in Nederland! Om drie uur zijn we weer in Apeldoorn. De tuin, planten en post zijn door de buren prima bijgehouden. De afgelopen weken zijn voorbij gevlogen en we hebben wat tijd nodig om alle indrukken een plek te geven. Natuurlijk willen we alle schrijvers in ons gastenboek bedanken voor de leuke reacties. We komen elkaar de komende periode wel tegen!